Torture

Torture

'Torture camps minutes from Olympic sites’ kopte de Chinese dissidentenkrant The Epoch Times afgelopen woensdag. Ik citeer uit het artikel het relaas van Annie Yang (dat vreemd genoeg ontbreekt in de on line versie), die vertelt over martelmethodes uitgevoerd op aanhangers van de Falun Gong beweging in de ‘Municipal Women’s Re-education Through Labour (RTL) Camp’: “Every day, one was forced to sit for over 18 hours a day with a strict sitting posture – both knees touching each other tightly, both legs touching each other tightly, both hands resting over the knees, the back must be kept straight, eyes must be open and no movement allowed. After a week or two, many people’s bottoms started to rot.”

Dit verhaal in The Epoch Times is slechts een van de vele berichten die de afgelopen maanden in de media te vinden waren betreffende het perfide regime. Afgelopen week vertelde een in Australië woonachtige dissident dat 1,5 miljoen Chinezen hun huis uit zijn gedreven omdat de woningen plaats moesten maken voor bouwprojecten die direct gerelateerd waren aan de Spelen. Voeg daarbij ook nog de uiterst dubiueze rol die China op de achtergrond speelt in Darfur en mijn afkeer is compleet.

Veelvoudig Australisch Olympisch kampioen Ian Thorpe verklaarde afgelopen week dat de Olympische Spelen geen platform zouden moeten zijn voor politiek, mede omdat de boodschap in het niet zou vallen en meer effect heeft als onderdeel van een jarenlange campagne. Hij verwoordde hiermee een visie die door velen wordt gedeeld. Ik zou me daar graag bij aansluiten, maar het is de vraag op welke wijze de Spelen in Beijing kunnen worden losgezien van politiek. De Sydney Morning Herald kopte in ieder geval zaterdag terecht dat de openingsceremonie een perfecte pr vertoning voor het communistische regime was.

Ik weet dat niet kijken absoluut niets uitmaakt en ik zal de beelden uit Beijing dan ook echt wel eens volgen de komende weken, maar ik merk dat mijn enthousiasme – als sportliefhebber heb ik de Olympische Spelen normaal voortdurend aan staan – tot een nulpunt is gedaald. Die hele Spelen doen me niets. Toen tijdens de openingsceremonie president Hu Jintau in beeld kwam, moest ik onwillekeurig direct denken aan de martelpraktijken waarover The Epoch Times berichtte.

Eerder vorige week vond in de autonome provincie Xinjang een aanslag plaats en ik heb begrepen dat er afgelopen weekend nog een aanslag heft plaatsgevonden. Mijn sympathie neigde voor even over te hellen richting de Chinese autoriteiten toen ik beelden zag van het dagelijks leven in deze regio met een grote moslimpopulatie. Als ik van top tot teen ingepakte vrouwen zie, helt mijn steun al snel over naar de andere partij. Maar het is de vraag wat er precies is gebeurd in Xinjang. Japanse verslaggevers die de zaak verder wilden uitzoeken, werden door de autoriteiten hardhandig tegengewerkt. Ik acht moslimterroristen tot alles in staat, maar het Chinese regime is natuurlijk voor geen cent te vertrouwen. Enkele weken terug zag ik op de Australische tv een interview met activiste Rebiya Kadeeer, die geweldloze actie voert voor de Uyghur, de moslimbevolking in Xinjnag, dat ook bekend is onder de naam Oost-Turkistan. Kadeer kwam op mij sympathiek en integer over, het interview toonde in ieder geval een compleet ander gezicht dan het extremisme dat er deze dagen voor zorgt dat Xinjang volop in de mediabelangstelling staat.

We zullen zien hoe de Spelen verder gaan verlopen. Vooralsnog is het een overwinning voor de autoriteiten. Van de hoop dat de Spelen een verbetering in de mensenrechtensituatie zouden brengen, is tot heden bitter weinig gebleken. Integendeel, het lijkt of het regime de duimschroeven nog wat extra heeft aangedraaid in haar arrogantie de mening van het Westen naast zich neer te kunnen leggen.

Kees Bakhuyzen

Last van blinde vlekken

Blindevlek

Last van blinde vlekken


Waarom schrijf je eigenlijk op je website over Wijnand Duyvendak? Wat hebben de inbraakjes van een voormalige kraak- en milieu-activist te maken met Het verraad van links? Het stelen van geheime gegevens uit een ministerie in 1985 heeft toch geen enkel verband met de huidige zwakke opstelling van de linkse partijen als het gaat om zaken als moslimfundamentalisme, religieuze intolerantie, boerka’s, sluiers, eerwraak, uithuwelijking en vrouwenrechten?

Dat zijn enkele vragen die ik de afgelopen dagen heb gehad naar aanleiding van twee weblogs over de inbreker/politicus van Groen Links. De eigen achterban van Duyvendak oordeelt overigens zeer mild over zijn criminele verleden. Jochem Douw, woordvoerder van de jongerenorganisatie DWARS, spreekt van een storm in een glas water. Ook Europarlementariër Joost Lagendijk tilt niet zo zwaar aan de affaire.

De inbraak was toch voor de goede zaak, is de redenering in deze kring. Gandhi, Martin Luther King en Jezus Christus overtraden toch ook de wet. Ja, maar niet door met bivakmutsen op in te breken en brandbommen te gooien, zoals in het politieke milieu van Duyvendak de gewoonte was.

Zeer kritisch is wel GroenLinks-lid Meindert Fennema, die eerder als enige opkwam tegen de demonisering van CD-leider Hans Janmaat. Op de opiniepagina van De Volkskrant hekelde de Amsterdamse politicoloog het radicalisme van Duyvendak als ‘een politieke religie waarin het doel de middelen heiligt’.

In een hoofdredactioneel commentaar wees De Volkskrant op het actieverleden van de samenstellende delen van GroenLinks - ‘van het begin af een toevluchtsoord voor militante activisten uit de kraakbeweging, de milieubeweging en de vredesbeweging’. “Cru geformuleerd fungeert GroenLinks als een reclasseringsinstelling voor politieke delinquenten.” Het is inderdaad cru geformuleerd, want ‘politieke delinquent’ was na 1945 de benaming voor ex-NSB’ers en collaborateurs. Maar ergens past de term wel in het activistische wereldje van GroenLinks, waar de Tweede Wereldoorlog nooit ver weg is als het er om gaat om anderen de maat te nemen en de mensheid in te delen in Goed en Fout.

Maar terug naar de beginvragen. Wat is nou het verband tussen de affaire-Duyvendak en het linkse verraad inzake de intolerante uitingen van de islam? Mijn antwoord is simpel: sommige linkse mensen zijn zo gefixeerd door hun afkeer van het uitbuitende, onderdrukkende en mensen verachtende kapitalistische systeem, dat ze een blinde vlek hebben ontwikkeld voor groepen en systemen die nog veel harder uitbuiten, onderdrukken en mensen verachten. Omdat het kapitalisme en het kolonialisme niet deugen, viel het dus wel mee met het communisme en ziet men ook de totalitaire trekjes van de politieke islam over het hoofd.

In de jaren dertig hadden sommige linkse intellectuelen een blinde vlek voor de terreur, waarmee Lenin en Stalin miljoenen burgers in de Sovjet-Unie over de kling joegen. Het schrijversechtpaar Jan en Annie Romein bijvoorbeeld, dat met historische boeken als De lage landen bij de zee en Erflaters van onze beschaving minstens zo populair was als Geert Mak nu. Jan Romein schreef in 1936 - op het moment dat Stalin zijn land in de ellende stortte met een nieuwe golf van gruwelijke terreur - een brochure waarin hij het democratische gehalte van de nieuwe Grondwet van de Sovjet-Unie prees.

Nog bonter maakte het de cineast Joris Ivens. Hij vertrok in 1931 naar het Stalin-rijk om daar de propagandafilm Het lied van de helden te draaien. Miljoenen Russische en Oekraïense boeren werden op dat moment uitgehongerd en geliquideerd tijdens een agressieve collectiviseringscampagne. Ivens richtte echter de lens op enthousiaste vrijwilligers van de communistische jeugdbeweging Komsomol. De dwangarbeiders betitelde hij als ‘onkruid’.

Een ezel stoot zich in het gemeen niet twee keer aan het zelfde been. Joris Ivens wel. Na de Tweede Wereldoorlog verzette hij bergen om ‘de Nieuwe Mens’ te glorificeren in de Volksrepubliek China van de communistische voorzitter Mao Zedong - de grote roerganger (destijds ook van SP-leider Jan Marijnissen) die samen met Adolf Hitler en Jozef Stalin wedijvert om de titel grootste massamoordenaar van de 20ste eeuw.

Tekenend voor het intellectuele klimaat in Nederland is dat de propagandist Ivens met eerbewijzen werd overladen. Cultuurminister Elco Brinkman (CDA) maakte namens de Nederlandse staat excuses voor de aantasting van Ivens’ burgerrechten, de gemeente Nijmegen benoemde hem tot ereburger, koningin Beatrix woonde in 1988 een première bij van een Ivens-film, en er werd een Joris Ivens Award ingesteld voor de beste documentairemaker. Zoiets als een Willem Holleeder Award voor de beste misdaadbestrijder.

Over Ivens was onlangs nog een interessante documentaire te zien bij de VPRO: Een oude vriend van het Chinese volk. Het was ontluisterend om te zien hoe snel Ivens’ film uit 1976 over enthousiaste Chinese boeren tijdens de Culturele Revolutie naar de mestvaalt van de geschiedenis werd verwezen. Documentairemaker René Seegers vermoedt dat Ivens bij het filmen van Hoe Yukong de bergen verzette is misleid door de Chinese autoriteiten. Ivens-biograaf Hans Schoots is niet zo mild: “In het westen bestonden toen al degelijke studies over wat er in China gaande was, ook van linkse auteurs, en als je wat moeite deed kon je op de hoogte van de feiten zijn zonder het aan de Chinese overheid te vragen.”

Waarom Ivens dan toch op een voetstuk werd geplaatst. Dat komt omdat na 1965 in Nederland de Tweede Wereldoorlog en de strijd tegen het fascisme tot maat van alle dingen zijn verheven. Dit proces is nauwgezet beschreven door socioloog Herman Vuijsje in zijn standaardwerk Correct. Ivens gold als een antifascist, was dus automatisch goed. Daardoor hadden zijn vereerders een blinde vlek voor zijn duistere propagandawerk.

De blinde vlek is een terugkerend fenomeen in het Nederlandse intellectuele debat. Neem de welwillende houding die veel mensen ten toon spreiden tegenover de kraakbeweging: lastige maar in wezen aardige en goedbedoelende jongeren, die opkomen tegen de woningnood, voor het milieu, tegen het militarisme, voor dierenrechten en tegen nieuwe vormen van racisme en fascisme. Dat alles maakt dat veel linkse mensen blind zijn voor het arrogante, agressieve en gewelddadige gedrag van de kraakbeweging, waarin Wijnand Duyvendak als redacteur van het actieblad Bluf! een belangrijke figuur was.

Het geweld was niet alleen naar buiten gericht, tegen Janmaat en zijn aanhang, tegen nertsfokkers, voorstanders van kernenergie of kapitalistische speculanten en huisjesmelkers. De anarchistische kraakbeweging, die principieel wars is van leiders, kreeg ook te maken met intern geweld in opdracht van leiders, die een schrikbewind in eigen kring uitoefenden, compleet met zuiveringen en afrekeningen met echte of veronderstelde verraders. Het valt allemaal na te lezen in de eigen bladen van deze beweging, waarvan de nazaten zo mild worden beoordeeld door de GroenLinks-leiding en -aanhang.

Blinde vlekken ook voor het moslimfundamentalisme en de vrouwvijandige uitingen ervan in het kapitalistische westen. De Middeleeuwse boerka? Moet kunnen, meent de voormalige communiste en huidige minister van Integratie Ella Vogelaar. Samen met de PvdA is ook GroenLinks tegen een algemeen boerkaverbod.

De Internationale Socialisten werken zelfs samen met de politieke islamisten bij de bestrijding van het kapitalisme. Zo ver gaan de reguliere Nederlandse linkse partijen niet, maar het is treffend hoe ‘nuttige idioten’ als Ed van Thijn, Mohamed Rabbae en Tofik Dibi zich steeds weer laten strikken voor opzetjes van deze trotskisten. Ze bestrijden immers het Kwaad dat Wilders heet, en in dat geval vergeet je eventjes het kwaad dat de islamisten aanrichten in het Midden-Oosten en ver daarbuiten.

Meindert Fennema vat het mooi samen in zijn opiniestuk in De Volkskrant: “Politieke radicalen hebben een sterke neiging de wereld in te delen in Goed en Kwaad. Zelf zijn zij natuurlijk voor Het Goede en zij leveren een strijd, liefst op leven en dood, tegen het Kwaad. Vervolgens wordt ook de mensheid ingedeeld in diegenen die aan de goed en diegenen die aan de verkeerde kant staan. Met de mensen die aan de verkeerde kant staan, daar hebben radicalen meestal weinig medelijden mee.”

Het is een geestelijke houding die leidt tot blinde vlekken voor wat werkelijk fout is. Dat is de reden dat ik me druk maak om de GroenLinkse mildheid voor de voormalige inbreker en activist Wijnand Duyvendak.

Carel Brendel

Carel Brendel is auteur van Het verraad van links (Uitg. Aspekt)

Too good to be forgotten (8)


Too good to be forgotten (8)

[Waarin aandacht voor de platen die onterecht buiten de lijstjes van ‘De Beste 100’ vallen.]

Magazine – ‘Secondhand Daylight’ (1979)


In de nasleep van de opkomst van de Sex Pistols volgde een hele generatie zogenaamde ‘first wave’ Engelse punkbands. Na een beroemd geworden optreden van de Sex Pistols in de Lesser Free Trade Hall in Manchester,(de juiste naam is me ontschoten), georganiseerd door Uni students Pete Shelley en Howard Devoto, richtten deze twee The Buzzcocks op. De band zou in no time uitgroeien tot een van de boegbeelden van de Britse punk, maar dat gebeurde pas nadat ze in eigen beheer de ep ‘Spiral Scratch’ hadden uitgebracht en nadat Howard Devoto de band had verlaten om zijn eigen band op te richten.

Magazine geldt inmiddels als een van de beste bands uit de post-punk generatie, een erkenning die de band ook ten deel viel in de jaren dat ze actief waren (1978-1981), maar die daarna jarenlang naar de achtergrond verdween. Wie de platen van Magazine hoort (‘Real Life’ (1978), ‘Secondhand Daylight’ (1979), ‘The Correct use of soap’ (1980) en ‘Magic, murder and the weather’ (1981), begrijpt direct waarom Devoto The Buzzcocks wel moest verlaten, want het muzikale spectrum was duidelijk te beperkt voor hem. Devoto omringde zich met een groep fantastische muzikanten, waaronder gitarist John McGeoch (later overgestapt naar Siouxsie and the Banshees en vervolgens naar PiL), bassist Barry Adamson (later jarenlang onderdeel van Nick Cave’s band The Bad Seeds) en toetsenist Dave Formula. Alle drie zouden een duidelijk stempel drukken op de muziek van Magazine, maar het zijn vooral de gelaagde synthesizerklanken van Formuala die een essentiële rol spelen op de tweede, en in mijn ogen beste, plaat van Magazine. De band wordt wel eens omschreven als ‘de perfecte synthese van de Sex Pistols en Pink Floyd’; een beetje afgezaagd, maar het dekt de lading aardig.

Veel belangrijker is dat de muziek van Magazine na bijna drie decennia nog zo goed, krachtig, overtuigend en rondom prachtig klinkt. Wanneer ik The Buzzcocks hoor, dan bekruipt me ondanks de kwaliteit van de nummers toch altijd het gevoel dat hun muziek de tand des tijds niet al te grandioos heeft weten te doorstaan. Omdat dit bij zoveel bands uit de periode 1976-1981 het geval is, heeft het lang geduurd voordat ik me er eindelijk toe zette de eerste twee Magazine platen op cd te kopen. Dat had ik dus veel eerder moeten doen. Het is met name ‘Secondhand Daylight’ dat nauwelijks aan slijtage onderhevig blijkt. Mijn angst dat de licht gemaniereerde zang van Devoto me zou irriteren als compleet achterhaald, bleek voorbarig want die zang is vooral eigenzinnig, overtuigend en krachtig. Sinds ik de cd versie ongeveer een jaar terug eindelijk in huis haalde, heb ik de plaat al ontelbare keren gedraaid (veel vaker dan het veel meer door de punk beïnvloede debuut) en elke keer kan ik de neiging alle nummers woord voor woord mee te zingen nauwelijks onderdrukken.

Misschien dat de extra magie van Magazine ook een rol speelt. In tegenstelling tot voormalige companen The Buzzcocks, die nog steeds de wereld rond trekken (voor het laatst gezien in Paradiso 1992 en dat was toen al een deceptie), daar leggen Adamson en Formula zich al jaren toe op het maken van filmmuziek (al schijnt er een soloplaat van Formula aan te komen). Howard Devoto is tegenwoordig grafisch ontwerper en John McGeoch, een van de beste en meest invloedrijke gitaristen uit het (post)punk tijdperk, overleed in zijn slaap in 2004, 48 jaar oud.

Kees Bakhuyzen

Standout track ‘Cutout shapes’ op Youtube

De Foto: 11 augustus 2008

1182008_2
Gabler, 11 augustus 2008

Drie recente berichten van Nieuw Religieus Peil

Head960s

Drie recente berichten van de website Nieuw Religieus Peil

1. Jaarlijks vele polygame huwelijken


Ambtenaren van de burgerlijke stand in de grote steden registreren jaarlijks tientallen bigame of polygame huwelijken. Deze huwelijken zijn in Nederland verboden en strafbaar. Dat geldt niet voor huwelijksregistraties die zijn afgesloten in landen waar ‘veelwijverij’ niet strafbaar is, zoals Marokko. Die huwelijken moeten in Nederland worden ingeschreven wanneer migranten uit die landen zich in Nederland vestigen.
Het CBS, waar alle gesloten huwelijken worden geregistreerd, verwijdert tot nu toe poly- of bigame huwelijken uit zijn bestanden, omdat men denkt dat het hierbij zou gaan om een administratieve vergissing. Het CBS gaat nu inventariseren of die administratieve afboeking wel terecht is. Het CBS boekt ook huwelijken af waarbij veertienjarigen ingeschreven staan.

Lees hier verder: NRP

Plus update: Video - Wafa Sultan on Sharia

2. Islamitische populatie in Europa

Volgens recent onderzoek door de Universiteit van San Diego, zal in 2020 een op de vier Europeanen moslim zijn. De islamitische populatie telt veel meer jongeren dan de oorspronkelijke Europese populatie: tussen de 45 en 50% van de moslims zijn jongeren, terwijl dat percentage bij Europeanen ligt tussen de 16 en 20%.

Lees hier verder: NRP

3. Richard Dawkins: islam importeert creationisme in Engeland

Een van de bekendste Engelse hoogleraren, geneticus Richard Dawkins, auteur van ‘The God Delusion’ zegt dat vrome moslims creationistische ideeën invoeren in de wetenschappen: ‘de islam importeert het creationisme in dit land. Deze moslims krijgen geen weerwoord, als gevolg van politieke correctheid’.
Dawkins stelt ook dat leraren de ’mythologie van het creationisme’ uitdragen als het over evolutie gaat: ‘leraren leunen achterover en respecteren de vooroordelen die deze kinderen van huis uit meekrijgen. De regering zou er iets aan moeten doen, maar laat het afweten omdat ze fanatieke voorstanders zijn van multiculturalisme. De regering, en zeker de regering onder Tony Blair denkt dat het fantastisch is om kinderen op te voeden met hun religieuze tradities. Ik noem het gewoon brainwashing. Leraren zijn veel te bang om racistisch te worden genoemd’.

Lees hier verder: NRP

(Extra: foto Thomas Schlijper, Artis 9 augustus 2008.)

De Foto: 10 augustus 2008

1082008_2

Gabler, 10 augustus 2008

De Week

De Week

Maandag: Arabist Hans Jansen schrijft een email aan zijn bank: islamitische propaganda bij de SNS Bank.

Dinsdag: Het tweede deel van De nieuwe Joden en hoe we hen moeten beschermen: een oplossing aanvaarden door Hugh Fitzgerald van Jihad/Dhimmi Watch, vertaald door Cornelis de Deugd.

Woensdag: Wat doe je als iemand een uiterst gemeen en leugenachtig stuk over je schrijft? Andy Warhols filosofie geeft het beste en leukste antwoord: FAME.

Ook Carel Brendel houdt de voortschrijdendende islamisering van Nederland nauwgezet bij: Progressieve vrienden van het koranonderwijs.

Donderdag: Fatima de Boer-al-Husayn heeft iets met benen, dit keer gaat het over die van de bijna vijftigjarige Madonna: dijen als van een notenkraker.

Vrijdag: Met Reve zijn we weer rond: "De mens wil nu eenmaal geen vrijheid, aanbidt het gepeupel, en stemt op zijn eigen moordenaar." Gerard Reve in 'Voorwoord bij de tweede druk' van Zelf Schrijver Worden.

Nogmaals Paul Cliteur: De multiculturele samenleving alleen mogelijk in combinatie met laïcité

Maar er is altijd De Foto en, als uitsmijter van de week: Nixon als inspirator van Wijnand Duyvendak, plus update 9.8.2008.

De Foto: 9 augustus 2008

982008_1

Gabler, 9 augustus 2008

De Foto: 8 augustus 2008

882008_1

Gabler, 8 augustus 2008

RaRa, hoe begrens je de schade?

Let op! Plus update 9.8.2008: RaRa, wie bluft er?

RaRa, hoe begrens je de schade?


De Actie-Schadebeperking Wijnand Duyvendak is in volle gang. Met interviews bij Nova en in de Volkskrant probeert de inbreker/parlementariër de schade te beperken rond de eigen onthulling, dat hij in 1985 heeft meegewerkt aan een inbraak op het ministerie van Economische Zaken. De GroenLinkser heeft alsnog spijt van de inbraak, maar nog meer spijt heeft hij van de manier waarop hij zijn actie naar buiten heeft gebracht. “Hoe heb ik zo dom en zo naïef kunnen zijn? Ik kan de haren wel uit mijn hoofd trekken.”

Website Elsevier over de Nova-uitzending: “Door de gekozen citaten lijkt het alsof hij trots is op de inbraak. Iets, wat totaal niet zijn bedoeling was, aldus een ogenschijnlijk berouwvolle Duyvendak.”

In de Volkskrant nuanceert Duyvendak het persbericht waarin hij de inbraak ‘een groot succes’ noemt. Die kwalificatie slaat op de politieke beroering die de inbrekers destijds veroorzaakten door de inhoud van de gestolen documenten bekend te maken. Duyvendak nu: “Toch was de inbraak zeer onverstandig. Je speelt voor eigen rechter. Het zou juist heel slecht zijn al je een beweging hebt die inbraken pleegt.”

Vervelend voor Duyvendak en GroenLinks blijft dat hij zijn betrokkenheid bij de inbraak wel heeft opgebiecht aan de partijtop, maar dat de kiezers in 2002 en 2006 niet op de hoogte werden gesteld. RaRa, hoe zullen ze dat kiezersbedrog recht praten?

Carel Brendel

Lees hierbij ook: Nixon als inspirator van Wijnand Duyvendak

Progressieve vrienden van het koranonderwijs

Progressieve vrienden van het koranonderwijs

Stel je bent onderzoeker van het Verwey-Jonker Instituut, vernoemd naar een legendarische socialiste en feministe uit de vorige eeuw. Je komt op het idee om openbare scholen te laten samenwerken met de Gereformeerde Gemeenten bij het opzetten van bijbellessen. Je stelt voor de reformatorische zondagscholen ‘pedagogisch te ondersteunen’. Je suggereert dat het openbaar onderwijs klaslokalen, lesmaterialen en adviezen kan leveren voor het orthodox-christelijke religieuze onderricht.

In het gunstigste geval zullen mensen denken dat je een vlaag van verstandsverbijstering hebt gekregen. In het slechtste geval krijg je het advies om over te stappen naar een wetenschappelijk instituut van de ChristenUnie of de SGP.

Stel je daarentegen, zoals onderzoekster Trees Pels, voor om openbare scholen in te schakelen bij het koranonderwijs, dan kun je op applaus rekenen in zich progressief noemende kringen. Fantastisch ideetje van mevrouw Pels, ontvouwd in De Volkskrant van dinsdag (5 augustus): “Waarom geen samenwerking zoeken met andere scholen en instanties in de wijk? Moskeeën hebben de ouders, scholen vaak niet. Die gaan dicht in het weekeinde. Waarom geen klaslokalen en lesmaterialen gedeeld? Leerkrachten van de scholen kunnen adviezen geven. Het kan geen kwaad als ze belangstelling tonen voor de leefwereld van de kinderen en in het weekeinde soms hun neus laten zien. Op deze manier wordt een brug geslagen tussen de koranscholen en de wijk en dat bevordert de integratie.”

De Amsterdamse burgemeester Job Cohen, zijn Slotervaartse collega Ahmed Marcouch en PvdA-voorzitter Liliane Ploumen zullen blij zijn. Weer iemand die religie promoot als middel om de integratie te bevorderen. Zo krijgen de moskeeën straks dankzij bruggenbouwers als Trees Pels een bruggenhoofd in het openbaar onderwijs. De sloop van een belangrijk bolwerk van onze vrije en seculiere samenleving kan beginnen.

Of denkt u dat de moskeebestuurders kritisch en objectief onderwijs over de islam naar de openbare scholen willen brengen? Krijgen onze kinderen in de klas te horen dat de Koran vol staat met haat en angst zaaiende passages? Dat vrouwen als tweederangs wezens worden beschouwd volgens de islamitische leer? Natuurlijk niet. Dat zullen de imams nooit toestaan. Kritiek op de islam wordt niet of nauwelijks getolereerd, een basisgegeven dat over het hoofd wordt gezien door de progressieve vrienden van het koranonderwijs. Alle reden dus om de religie van de onwetendheid en de intolerantie met volle kracht te weren uit de openbare klaslokalen.

Het is overigens treurig en schokkend dat het pleidooi voor samenwerking tussen de moskee en het openbaar onderwijs afkomstig is van een gerespecteerde onderzoekster van het Verwey-Jonker Instituut. Dr. Hilda Verwey-Jonker (1908-2004) was een prominent lid van SDAP en PvdA. Voor de Tweede Wereldoorlog was zij lid van de gemeenteraad van Eindhoven. “Zij tartte de conventies door als getrouwde vrouw en jonge moeder volop actief te blijven binnen de SDAP”, lees ik in haar biografie op de site van het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis.

Hilda Verwey-Jonker weigerde om direct na de Bevrijding als excuustruus op te treden in het ijlings gevormde Noodparlement. “Dat had vooral te maken met de houding van de voorzitter van de SDAP, Koos Vorrink. Toen Verwey-Jonker hem vroeg waarom haar een zetel in het Noodparlement was aangeboden, zei hij slechts: Er moet een vrouw in. Daarop antwoordde zij hem dat ze dan ook konden kiezen voor de werkster van het partijbureau.”

Verwey-Jonker was van 1951 tot 1955 voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Vrouwenbelangen, Vrouwenarbeid en Gelijk Staatsburgerschap, een succesvolle, bijna alle partijen omvattende lobby voor vrouwenrechten. Ze was ook het eerste vrouwelijke lid van de Sociaal-Economische Raad.

Hilda Verwey-Jonker was tot op hoge leeftijd actief, waarbij ze soms ook felle kritiek kreeg voor haar standpunten. Voor de Tweede Wereldoorlog was ze een van de laatste sociaal-democraten die tegen bewapening bleef ageren. Na 1980, zo lees ik, kreeg ze kritiek wegens ‘haar bezwaren tegen de multiculturele samenleving en haar pleidooi voor een bevolkingspolitiek’. Toen het er werkelijk op aan kwam, tussen 1940-1945, stond ze echter op de goede plaats. Ze verleende steun aan vervolgde Joden en was samen met haar man Evert actief in het verzet. Het socialistische echtpaar verspreidde bonkaarten en zocht adressen voor onderduikers.

In 2000 ontving Verwey-Jonker de Aletta Jacobsprijs voor haar bijdragen aan de vrouwenemancipatie. Deze prijs is vernoemd naar Aletta Jacobs, de links-liberale moeder van het Nederlandse feminisme.

Dan nu de bijdrage van de Koran aan de vrouwenemancipatie. Ik citeer uit enkele soera’s uit de Nederlandse koranvertaling van prof. Kramers, bewerkt door drs. Asad Jaber en prof. Hans Jansen.

Soera 4: 34: (over de positie van man en vrouw) “De mannen zijn opzichters over de vrouwen voor wat God aan de een meer gegeven heeft dan aan de ander en voor wat zij gegeven hebben als bijdrage van hun bezittingen. De deugdzame vrouwen echter zijn de in ootmoed staanden die de verborgenheid behoeden door de behoeding van God. Maar zij van wie opstandigheid vreest vermaant haar en vermijdt haar op de rustplaatsen en slaat haar. Maar indien zij u gehoorzaam worden zoekt dan geen weg om haar te tuchtigen. God is waarlijk verheven en groot.”

Soera 4:11: (over het erfrecht) “God draagt u op ten aanzien van uw kinderen: voor de knaap zoveel als het aandeel van twee meisjes…God is waarlijk wetend en wijs.”

Soera 2:282: (over de waarde van getuigenissen van mannen en vrouwen voor een rechtbank) “En neemt het getuigenis aan van twee uwer mannen doch indien er niet twee mannen zijn dan één man en twee vrouwen behorende tot hen die gij aanvaardt van de getuigen voor het geval dat één van de beide vrouwen dwaalt de andere van beiden haar eraan kan herinneren… En vreest God want God onderricht u en God is omtrent alle ding wetend.”

Allah onderricht straks wellicht onze schoolkinderen, mede dankzij de wetenschappelijke inzichten van het Verwey-Jonker Instituut. Wat zouden Aletta Jacobs en Hilda Verwey-Jonker hiervan hebben gevonden? We zullen het helaas nooit weten.

Carel Brendel

Carel Brendel is auteur van Het verraad van links (Uitg. Aspekt)

De Foto: 6 augustus 2008

682008_1

Gabler, 6 augustus 2008

FAME

Selportrait_warhol
FAME

When somebody writes a really mean article, I always just let it go because who are you to say it isn't the truth? The worst, most cruel review of me that I ever read was the Time magazine review of me getting shot.

I've found that almost all interviews are preordained. They know what they want to write about you and they know what they think about you before they ever talk to you, so they're just looking for words and details from here and there to back up what they've already decided they're going to say. If you go into an interview blind, there is absolutely no way of guessing what kind of article the person you're talking to is going to write. The nicest, laughingest people can write the meanest articles, and the people you think are hating you can write the funniest, nicest articles. It's harder to tell with journalists than with politicians.

People used to say that I tried to 'put on' the media when I would give one autobiography to one newspaper and another autobiography to another newspaper. I used to like to give different information to different magazines because it was like putting a tracer on where people get their information. That way I could always tell when I met people what newspapers and magazines they were reading by the things they would tell me I had said. Sometimes funny pieces of information come back to you years and years later when an interviewer says, 'You once said that Lefrak City was the most beautiful place in the world', and then you know what they've read what you once told Architectural Forum.

I'm always interested in talk-show hosts. A person I know told me he can look at people who do interviews on television and know where they're from, what kind of schools they went to, what religion they are, just by seeing what kind of guests they have on their show and by hearing what kind of questions they ask their guests. I'd love to be able to know everything about a person from watching them on television - to be able to tell what their problem is. Can you imagine watching a talk show and knowing immediately things like.....

'This one's problem is HE WANTS TO BE A BEAUTY.'
'This one's problem is HE HATES RICH PEOPLE.'
'This one's problem is HE CAN'T GET IT UP.'
'This one's problem is HE WANTS TO BE MISERABLE.'
'This one's problem is HE WANTS TO BE INTELLIGENT.'

And maybe you'd also be able to figure out.....

'Why Dinah Shore DOESN'T HAVE A PROBLEM.'

Certain people have TV magic: they fall completely apart off-camera but they are completely together on-camera. They shake and sweat before they go on, they shake and sweat during commercials, they shake and sweat when it's all over; but while the camera is filming them, they're poised and confident-looking. The camera turns them on and off.

I never fall apart because I never fall together. I just sit there saying 'I'm going to faint. I'm going to faint.' When I'm on television I can't think about anything they're going to ask me, I can't think about anything that's going to come out of my mouth - all I can think is, 'Is this a live show? It is? Well then forget it, I'm going to faint. I'm waiting for a faint'' That's my live television appearance stream-of-consciousness. Taped is different.

Nutty people are always writing me. I always think I must be on some nutty mailing list.

I always worry that when nutty people do something, they'll do the same thing again a few years later without ever remembering that they've done it before - and they'll think it's a whole new thing they're doing. I was shot in 1968, so that was the 1968 version. But then I have to think, 'Will someone want to do a 1970s remake of shooting me?' So that's another kind of fan.

I guess everybody has their own time and place when they turn themselves on.

Where do I turn on?
I turn on when I turn off and go to bed. That's my big moment that I'm always waiting for.

Andy Warhol

Uit: From A to B and Back Again,
The Philosophy of
Andy Warhol

Picador
1975

De nieuwe Joden en hoe we hen moeten beschermen. (deel 2)

Jihadwatchsmall

De nieuwe Joden en hoe we hen moeten beschermen.
(deel 2: een oplossing aanvaarden)


Hugh Fitzgerald (jihadwatch.org), vertaling Cornelis de Deugd.

Lees hier deel 1: De nieuwe Joden en hoe we hen moeten beschermen (deel 1: het probleem zien).

West-Europese landen kunnen heel verschillend zijn maar ze hebben allemaal hetzelfde probleem met de islam. Ongeacht of het geregeerd wordt door “Common Law” (Groot Brittannië) of door “Civil Codes”, ongeacht een lange traditie van Tolerantie als een soort staatsreligie (Nederland en Denemarken), of zelfs overdreven begaan zijn met Mensenrechten vanwege een zeker verleden (Duitsland, Spanje, of zelfs Italië), deze landen hebben hetzelfde probleem met hooguit wat verschillen in intensiteit en schaalgrootte. Moslims die geloven in de islam kunnen en zullen nooit de politieke en juridische staatsinrichting van niet-moslims accepteren. Het is fundamenteel in strijd met wat de islam leert, in strijd met wat Mohammed lang geleden, 1350 jaar, heeft voorgeschreven – iets dat zijn geldigheid behoudt voor alle tijden en alle plaatsen.

De volken van Europa moeten nu actie ondernemen, niet later. Juist ondanks hun regeringen en ondanks de timiditeit, stupiditeit, rigiditeit, en gierigheid van hun heersende elites. Zij zullen toch hun eigen manier, hun eigen superieure manier van leven moeten behouden en bewaren, hun vrije en sceptische geest, hun modi in artistieke expressie. Het gaat om het bewaren, beschermen en verdedigen van alle materiële en spirituele prestaties van onze eigen beschaving (tegen hen die alleen minachting of zelfs haat kennen voor deze beschaving – ook zonder precies te weten waarom, maar dan soms wel wetende dat zij als moslims deze minachting moeten koesteren én ook iets moeten doen met die haat). Dat wil zeggen: zij zullen óf onze culturele erfenis, i.e. beschaving, verdedigen, óf zij zullen dat niet doen – er is geen middenweg. Maar als ze het wel doen dan moeten ze erkennen dat de voornaamste dreiging niet die van een openlijke oorlog is, maar die van een langzame maar zekere overgave. Zelfmoord in stilte door het stukje bij beetje toegeven aan islamitische eisen, gebaseerd op een onweersproken en groeiende islamitische aanwezigheid die onomkeerbaar knaagt aan de fundering van het Moderne Europa.

Het is de demografische verovering door moslims die West-Europa ondermijnt. Deze verovering kan alleen afgewend worden door het stoppen van alle islamitische migratie, en door het afsnijden van Arabische geldstromen die de islamitische aanwezigheid versterken door te betalen voor moskeeën, koranscholen, en welzijnsorganisaties – die de islamitische macht verder vergroten – en ook te betalen voor academici, voormalige diplomaten, en journalisten. Rijke Arabieren nemen soms hele afdelingen over of stichten complete centra voor islamitische of Midden Oosterse studies. Langs andere weg verkrijgen zij ook de medewerking, of zelfs meer dan dat, van corruptie gevoelige lieden van inlichtingendiensten, legers en politie-eenheden in heel West Europa. Machthebbers moeten deze trend keren, of tenminste hun best doen – en vooral niet de fout maken om met overheidsgeld moskeeën en andere islamitische organisaties te steunen in de illusie dat “gematigde” imams het verschil kunnen maken. Terwijl het probleem zit in de in beton gegoten, onveranderlijke Islamitische teksten en de greep die deze teksten hebben op de volgelingen. Dawa (“invitatie tot islam”) campagnes moeten zo mogelijk verboden worden, of anders scherp in de gaten gehouden worden met als doel het a-priori immuniseren van bevolkingsgroepen die het doelwit zijn van zulke islamiseringcampagnes.

Het zijn juist de sociaal-economisch marginalen die in het bijzonder gevoelig kunnen zijn voor de lokroep van de islam. Dergelijke groepen en personen moeten opgespoord en gevonden worden als ware het een zaak van Nationale Veiligheid. Deze doelgroep moet benaderd worden met op maat gesneden campagnes. Geestelijk verzorgers kunnen, bijvoorbeeld, aangesteld worden om binnen de doelgroep tekst en uitleg te geven over de rol van slavernij in de islam, over de duur en de aard van de Arabische slavenhandel (die veel eerder begon en, zo ver deze geëindigd is, veel later is beëindigd dan de trans Atlantische slavenhandel). De Arabische slavenhandel was uitzonderlijk wreed en gewelddadig – zwarte jongens, gecastreerd midden in de jungle, op een zware tocht naar de islamitische slavenmarkt, die amper 10% overleefde. De slavenhandel in de Perzische Golf is beëindigd door de Britse Marine, die in Noord-Afrika door de Fransen. Er zou nooit een islamitische William Wilberforce kunnen zijn, en zelfs vandaag de dag worden zwarten tot slaaf gemaakt door Arabieren in West-Afrika en in Soedan. En, zoals velen aannemen, komt slavernij nog steeds voor op het Arabische schiereiland – overigens ondanks dat het in 1962, onder westerse druk, formeel beëindigd is.

Een ander krachtig argument om mensen minder Dawa gevoelig te maken is dat onder de islam vrijwel alle muziek verboden is. Er is geen islamitische religieuze muziek, bijvoorbeeld geen Bach, en geen Islamitisch equivalent voor Gospel muziek. Let wel, Rai zangers in Algerije zijn vermoord door islamitische terroristen, de Taliban vermoorden traditionele Afghaanse bruiloftszangers, en Hamas heeft muziekwinkels opgeblazen in Gaza. Zoiets kan indruk maken.

Maar zijn de West-Europese regeringen bereid, juist nu, de islam te beschouwen als de dreiging die het is voor de nationale veiligheid? Net zo met de verbreiding van de islam en de groei van het islamitische bevolkingsaandeel? Of blijven ze bang voor de implicaties van zo’n erkenning?

Wie zal het zeggen? Maar er zijn tekenen van doorbrekend gezond verstand, het bewijs daartoe stapelt zich op en op. Teksten uit de Koran, de Hadith, en de Sharia zijn niet te missen. Islamapologeten hebben het nooit over deze teksten en al helemaal niet over wat ze propageert. Zij prefereren, altijd en overal, de strategie van Takiyya – hypocrisie om de ware aard van de islam te verbergen.

Opgesomd, zoals honderden keren eerder, met exact dezelfde zin:

“De grootschalige aanwezigheid van moslims in West-Europese landen heeft geleid tot een situatie, voor de autochtone Ongelovigen, die verreweg vervelender, veel duurder, en fysiek gevaarlijker is dan het geval zou zijn zonder zulk een grootschalige aanwezigheid.”

Deze veel-herhaalde zin, hoewel lang, bedoeld om in steen gehouwen te zijn. En de steen waarin het gebeiteld moet zijn, is er een die in heel Europa in openbare ruimten moet staan, of in elk geval in het mentale equivalent van dergelijke openbare ruimten. Alles zodat uiteindelijk iets effectiefs gedaan kan worden – onbuigzaam en volhardend.

Er is echter ook een andere soort steen waarop dezelfde kernachtige zin geschreven zou kunnen worden, maar dan wel in een triomfantelijke sfeer. Niet geschreven door Ongelovigen maar door Moslims ergens in de toekomst. Zoals een beroemd schrijver eens met een roman begon: “er is genoeg ruimte op een voor het mos bestemde grafsteen” om van alles “te bevatten”. En niet in de laatste plaats bovengenoemde kernachtige zin.

Men hoopt dat het niet nodig is zo’n zin te plaatsen op de grafsteen van de westerse beschaving, een beschaving die ongedaan gemaakt kan worden door onverschilligheid, onwetendheid en achteloosheid van zijn elites in politiek en media. Beschaving die verder ongedaan gemaakt kan worden door nalatigheid van betrokken regeringen en volkeren om te doen wat nodig is om, coute que coute, hun eigen beschavingserfgoed te beschermen en te verdedigen. Nalatigheid uit stupiditeit, verlegenheid, gierigheid, starheid of door één, of door allen, van deze eigenschappen.

Aantallen, "zuivere aantallen," tellen helaas mee. Demografie blijkt een zeer groot deel van ons Lot te bepalen.

Oorspronkelijke tekst

De Foto: 5 augustus 2008

582008_4

Gabler, 5 agustus 2008

SNS-bank islamitisch geworden?

Downloaden

Mevrouw, mijnheer,

Ik heb ongeveer ****** euro spaargeld bij uw bank geplaatst. Ik zie op uw site islamitische propaganda: een vrouw in het soort hoofddoek dat nu niet bepaald naar een liberale vorm van islam verwijst. Al eerder had u op uw site een foto van een Arabisch uitziende jongeman met een moslimextremistenbaardje die uw klanten zijn voetzolen liet zien, een standaardbelediging in de islamitische wereld. Het is bekend dat de islamitische scholen frauderen, en met het hun toevertrouwde geld bv. reisjes naar Mekka betalen, zie de dagbladen van de laatste tijd. De laatste grote islamitische bank, de BCCI, is in een miljardenfraude ten onder gegaan. Bent u een islamitische bank geworden? Heeft u een islamitisch reclamebureau ingehuurd? Het vertrouwen in een bank is kwetsbaar, dat is u bekend? Zou het niet beter zijn wanneer een bank, net als de overheid, religieus neutraal was?

Met vriendelijke groet,

HansJansen,
rekening 8215*****

==============================================

Geachte heer Jansen,

Bedankt voor uw e-mail van 28 juli, waarin u aangeeft dat u niet het niet op prijs stelt dat er een moslimvrouw met hoofdoek op onze site staat.

Dit is een bewuste keuze van de SNS Bank geweest. Wij zijn een bank voor iedereen en onze klanten zijn dan ook een afspiegeling van de maatschappij. SNS Bank maakt géén ondersheid. Voor ons is iedereen gelijk en dit willen we dan ook uitstralen. Dat u dit anders ziet, is uw goed recht. Dat u dan besluit om uw rekening op te zeggen is te betreuren. Ik respecteer uw keuze.

Met vriendelijke groet,


(naam bekend bij redactie Hoeiboei)

Adviseur Bancaire Diensten
SNS Bank
E-mail: klantvragen@sns.nl
==============================================

Mijnheer: Het gaat niet om zo maar een moslimvrouw. Het gaat om een moslimvrouw wier kleding een politieke keuze vertegenwoordigt, en een speciale interpretatie van de islam. Dat u dat niet weet, is gevaarlijk en triest. Wat weet u nog meer niet? Ten onrechte schrijft u dat ik mijn rekening opzeg. Ik heb o.a. nog rente van u tegoed. Uw mededeling dat uw bank geen onderscheid maakt, is haast zeker bezijden de waarheid. Zou u afbeeldingen van meisjes die bij de Zwarte-Kousen-kerk horen op uw site plaatsen? Uw implicatie dat ik wel onderscheid maak, met andere woorden discrimineer, is beledigend.

Met alle verschuldigde hoogachting,

HansJansen

De Foto: 4 augustus 2008

482008_3

Gabler
, 4 augustus 2008

Mensen, de homoboot is vol!

Mensen, de homoboot is vol!
Toen een jaar geleden mijn boek Het verraad van links van de persen rolde, speelde juist de affaire rond Ehsan Jami. Het PvdA-raadslid uit Leidschendam-Voorburg probeerde politieke steun te krijgen voor een steuncomité van afvallige moslims. Aan de politieke linkerzijde bleef het echter angstwekkend stil. Het optreden van Jami was te uitdagend, te provocerend en te beledigend voor gelovige moslims. Uiteindelijk tekenden slechts drie fractievoorzitters (Mark Rutte, Marianne Thieme en Geert Wilders) de verklaring van het steuncomité.

Vooral Jami’s eigen partij wist niet hoe snel ze van het lastige raadslid moest afkomen. Dat hij zich liet adviseren door de Leidse hoogleraren Afshin Ellian en Paul Cliteur werd hem niet in dank aangenomen, nog minder dat hij een scherp opiniestuk schreef samen met Geert Wilders. In de wandelgangen van een PvdA-congres kreeg Jami een ijzige ontvangst. Niet lang daarna werd de afvallige dwarsligger geroyeerd, nadat hij uit de fractie was gezet en weigerde zijn raadszetel in Leidschendam op te geven.

Kort daarna besloot de Nederlandse regering om de beveiliging op te heffen van het voormalige Kamerlid Ayaan Hirsi Ali, net als Jami een afvallige moslim maar dan van internationale allure. In dit geval was het GroenLinks-leidster Femke Halsema die als een leeuw vocht voor Ayaan. Zij kreeg echter nauwelijks steun aan het Binnenhof - in dit geval alleen van D66 en de PvdA’er Paul Kalma. Opvallend was hier dat de zelf zwaar bedreigde Wilders het liet afweten. Het volk houdt immers niet van de soms als hooghartig beschreven Somalische, dus loonde het niet om voor haar op de barricaden te gaan.

Over de positie van afvallige moslims wereldwijd is onlangs overigens een interessant boek uitgekomen: Weg uit de islam. Getuigenissen van afvalligen. Het boek is samengesteld door de afvallige moslim Ibn Warraq. Afshin Ellian heeft de inleiding geschreven. Ellian op zijn weblog bij Elsevier: “Mensen als Ibn Warraq riskeren hun leven voor vrijheid en voor de emancipatie van moslims. Hun natuurlijke bondgenoten moeten de linkse mensen zijn. Links, ook in Amerika, komt vaak op voor de bedreigers van Ibn Warraq en andere afvalligen.”

Maar gelukkig ontwaakt de linkse politiek nu de rechten van homo’s in het geding dreigen te raken, overigens vooral door de homovijandigheid binnen de islamitische achterban van deze partijen. Het is vandaag (zaterdag 2 augustus) dringen geblazen op de Amsterdamse grachten in de jaarlijkse Canal Parade. Minister Ronald Plasterk (Onderwijs) nam het initiatief om mee te doen. In zijn kielzog varen burgemeester Job Cohen, minister Guusje ter Horst (binnenlandse zaken) en de staatssecretarissen Sharon Dijksma en Frans Timmermans mee. GroenLinks, D66 en Rita Verdonk hebben eigen boten, zo meldt De Volkskrant.

De Amsterdamse politie - ook een soort PvdA - heeft gelukkig nog mankracht over ondanks de tijdrovende onderzoeken tegen Hoeiboei en Gregorius Nekschot en vaart mee met een eigen bootje. “Mensen, de homoboot is vol!”, ben ik geneigd te roepen in navolging van drs. P. De politieke belangstelling wordt overigens met enig wantrouwen gadegeslagen. Zo stoort Edgar Bonte, organisator van homofestijnen, zich aan wat De Volkskrant omschrijft als ‘het politieke en vooral luidruchtige PvdA-karakter van de optocht’. Bonte: “Het is geen feest meer, maar een demonstratieparade.”

De meeste homo’s hebben de PvdA overigens al lang de rug toegekeerd. Ze stemmen op rechtse partijen. Er zal heel wat meer nodig zijn dan een feestelijk boottochtje met swingende nichten voordat de partij het vertrouwen terugwint van vrijzinnig denkende kiezers, die vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van (het afscheid nemen van een) godsdienst belangrijk vinden.

De Amsterdamse PvdA bijvoorbeeld heeft geen afscheid genomen van
het raadslid Yman Mahrach, die de partij in verlegenheid heeft gebracht met homovijandige uitspraken, waarbij ze zich beriep op de Koran en de islam. Ze heeft in stilte de portefeuille diversiteit opgegeven, maar tot woede van veel homo’s is ze gehandhaafd als raadslid.

De politieke vaartocht kan ook niet verhullen dat de PvdA weinig heeft ondernomen tot steun aan kunstenares Sooreh Hera, die door fanatieke moslims wordt bedreigd wegens het maken van een fotocollage waarin Iraanse homo’s hun gezicht maskeren met afbeeldingen van de profeet Mohammed en zijn schoonzoon Ali. In dit geval kwam Plasterk niet verder dan een niets verplichtende steunbetuiging.

En dan is er nog het halfhartige stilzwijgen over de pogingen van coalitiegenoot CDA om kwetsende uitingen te verbieden of tegen te gaan. Deze opzichtige poging om de vrijheid van . meningsuiting in te perken wordt ingegeven door angstgevoelens voor moslimlanden en door de hoop om respect voor het christendom te verwerven op de bagagedrager van de islam.

Vergeleken met premier Balkenende en minister Hirsch Ballin werden de PvdA-bewindslieden minder hard getroffen door de Fitnagekte. Maar de partij heeft geen duidelijke afstand hiervan genomen, en evenmin van de vervolging van tekenaar Nekschot (die werd goedgepraat door PvdA-Kamerlid John Leerdam) en weblogster Hoeiboei (hier zit PvdA-voorzitter Arco Verburg van stadsdeel De Baarsjes achter het politieoptreden).

Jami, Ayaan en Sooreh Hera zijn overigens vele malen uitdagender, provocerender en beledigender dan de botenparade van feestende homo’s. Het afvallige drietal wordt met de dood bedreigd door fanatieke moslims. Plasterk, Cohen en Ter Horst worden voor mij pas echt geloofwaardig als ze de komende tijd ook consequent tegen religieuze intolerantie uit de islamitische hoek opkomen.

Bij gebrek aan politieke moed op dat front zal de PvdA-boot bij de eerstvolgende Canal Parade alleen maar voller raken. Misschien aanleiding om een groter schip in te zetten? Een goede naam voor dat PvdA-scheepje is er al:
Titanic II.

Carel Brendel

De Foto: 2 augustus 2008

282008_1

Gabler, 2 augustus 2008

"Geweigerd? Melden helpt!"



Uitgelicht:
Amsterdamse gracht, juli 2008. Poster "Geweigerd? Melden helpt!"


Contrast

Foto: WH

Heeft u ook voorbeelden van Jip-en-Janneke-verslaggeving/berichten/uitspraken/foto's gehoord/gezien op radio, televisie, etc...? Stuur deze, met bronvermelding, dan naar hoeiboei.nl. Email: hoeiboei@gmail.com.

De Foto: 1 augustus 2008

182008_1


Gabler, 1 augustus 2008

Hoeiboei verhoord

Logopolitie_twee

Hoeiboei verhoord

Pas op! Je vermeldt begin 2006 in een zogeheten Jip en Janneke-berichtje op internet de naam van een ambtenaar die een vertegenwoordigende functie bekleedt en een paar jaar later ben je verdachte in een strafzaak. Je wordt van belediging, smaad en smaadschrift beticht. De politie verhoort je en stelt opvallend vooringenomen vragen om zodoende een zaak tegen je op te bouwen, een zaak die er helemaal niet is. Tamelijk absurd, tamelijk onbevredigend en intimiderend want de agenten kunnen de bizarre vragen niet toelichten maar het zogenaamde chilling effect brengen ze uitstekend in praktijk. De kernvraag komt tijdens zo'n verhoor nimmer ter sprake.

In zeer grove lijnen overkwam Uw Webmasters dit. Onlangs werd de initiatiefneemster van Hoeiboei.nl door de politie verhoord. Zij kreeg enkele op internet geplaatste reacties voorgelegd betreffende iemands tegennatuurlijke geaardheid of voorkeuren, en andere 'onnodig grievende' uitlatingen (“ga es deaud”). Dat sommige van deze reacties humoristisch bedoeld zijn, of op rijm gesteld (je moet er maar op komen maar grizzly rijmt op Varisli) en volkomen onwaar, telt niet mee voor de ambtenaren.

Het mag duidelijk zijn dat klager er zijn schouders niet over wenste op te halen maar daarentegen lange tenen heeft, en toen was de gang naar de politie snel gemaakt. Daar kreeg klager niet alleen gehoor maar meteen ook medewerking want politie-agenten staken vele gesubsidieerde uren in het afspeuren van internet naar reacties en logs waar ze één gevonden zondebok verantwoordelijk voor zouden kunnen stellen.

Terwijl, nogmaals, het in eerste instantie slechts om het vermelden van een naam van een ambtenaar ging die wat zijn werk betreft wel eens de publiciteit heeft gezocht: Enver Varisli, medewerker van het Meldpunt Moslimdiscriminatie* uit de Amsterdamse Baarsjes. Wat is er beledigend aan het noemen van zijn naam? Waar of hoe is zijn privacy daarmee geschonden? Wij weten het nog steeds niet.

Als Varisli's werk (met als doel het opleggen van censuur) niet meer gecontroleerd mag worden door de burgers en/of de media (de bovenmedia laten het hier nog steeds afweten), waar gaan we dan met z'n allen heen, zo vragen wij ons af?

Via een onnozel beroep op de schending van de Privacy (wat een belediging overigens voor de opstellers van de Wet bescherming Persoonsgegevens!), een dreigbrief van de provider Ilse Media, hulp van Stadsdeel De Baarsjes (met name van PvdA-stadsdeelvoorzitter Arco Verburg) en uiteindelijk via politie-aangifte tegen de beheerder van een weblogje dat een bescheiden rol in het publieke debat wil spelen, zal straks de Hoofdofficier van Justitie te Amsterdam zich wellicht mogen buigen over de vraag of Uw Webmaster inderdaad schuldig is aan belediging, smaad en smaadschrift.

Terwijl er toch al die tijd het 'Mailformulier' was.

Webmasters Hoeiboei

* In het gratis Amsterdamse Stadsblad wordt 23 juli 2008 nog voor dit Meldpunt Moslimdiscriminatie geadverteerd. De naam is dus nog niet (overal?) gewijzigd in Meldpunt Discriminatie. Volgens ons is de naam Meldpunt Moslimdiscriminatie per definitie al discriminerend.

De multiculturele samenleving alleen mogelijk in combinatie met laïcité

Zeilen

De multiculturele samenleving alleen mogelijk in combinatie met laïcité

In het hiervoorgaande hebben we gezien dat het ideaal van de religieus neutrale staat een krachtige verwoording heeft gekregen in zowel de Franse als ook de Amerikaanse traditie van het politieke denken. Een vraag die we nog niet aan de orde hebben gesteld, is waarom deze tradities ook inspirerend zouden moeten zijn voor een land als Nederland. Een van de belangrijkste argumenten voor het aannemen van de laïcité lijkt mij dat deze een overtuigend complement vormt voor een multiculturele samenleving.

Om dat te verduidelijken is het wellicht dienstig eerst in abstracto te overwegen welke denkbare posities men kan innemen ten aanzien van de verhouding van staat en religie. Ik denk dat de relatie tussen de staat en religie vier gedaantes kan aannemen. De eerste is die van de atheïstische staat (bijvoorbeeld de voormalige Sovjet-Unie). De staat probeert dan met wortel en tak de religie uit te roeien. Dit zullen sommigen “Jacobijns” noemen, hoewel ook daarover nog wel het een en ander te zeggen zou zijn. De tweede positie is die waarbij de staat voor één godsdienst kiest. Dat is in het Westen gebeurd met Constantijn de Grote, maar ook na de Reformatie volgehouden met het principe dat de vorst beslist welke religie zijn onderdanen aanhangen (cuius regio, eius religio). De derde positie is die van religieuze pluriformiteit: de staat laat niet alleen alle religies toe, maar probeert ook alle religies op voet van gelijkheid zichtbaar te maken in het publieke domein. Men zou dat het multiculturele of pluriforme model kunnen noemen. Het is in Nederland geïnstitutionaliseerd in het stelsel van de verzuiling. Het vierde principe is dat van de “état laïque”. De staat bemoeit zich dan niet met religie. Religie is privé-zaak. Zij is toegestaan, maar wordt niet financieel bekostigd door de gemeenschap en evenmin zichtbaar gemaakt in die delen van het publieke domein waar de staat met een pretentie van neutraliteit optreedt (rechterlijke macht, politie, leger, officiële bijeenkomsten).

Ik formuleer het met opzet hier restrictief: religie moet in ieder geval daar onzichtbaar blijven waar de staat optreedt met een pretentie van neutraliteit. Het lijkt mij niet juist te stellen dat religie helemaal niet zichtbaar mag zijn in het publieke domein. Immers de straat is ook “publiek domein”. En daar kan men – behoudens veiligheids­voorschriften, denk aan het voorgenomen boerka-verbod – vrijelijk zijn religie uitventen. Waar de laïcité tegen gekant is, is tegen religieuze profileringsdrang in een situatie waarin de staat optreedt met een pretentie van neutraliteit, bijvoorbeeld waar de staat optreedt als een soort scheidsrechter.

Het eerste en het tweede model zal, denk ik, niet veel meer worden verdedigd. Ook door mij niet. Wel denk ik dat – impliciet – velen nog een beetje zwijmelen bij het tweede model. Dat zie je bijvoorbeeld bij christenen die denken dat op grond van traditie en geschiedenis het christendom eigenlijk aanspraak zou kunnen maken op een soort prioriteitspositie ten opzichte van andere geloven (islam). Maar dat lijkt mij principieel niet alleen onjuist, het is ook niet houdbaar in het licht van de veranderende demografische ontwikkelingen. Precies dat is het ook dat sommige moslims doet denken dat de zaak vanzelf wel de goede kant opgaat. Ook zij blijven daarmee soms denken in termen van het tweede model. Dat zou betekenen dat met een moslimmeerderheid in de westerse landen de islam vanzelf een eerste plaats zal gaan innemen en de andere gelovigen een soort tweederangs status kunnen krijgen (dhimmie-status).

Elk model van staat/religie-verhoudingen waarin sommige burgers een tweede rangs status krijgen toegewezen is echter in strijd met het modern staatsideaal dat gelijkheid van alle burgers veronderstelt.

Ik denk dat – als het goed is – de keuze zal zijn die tussen het derde en het vierde model. Nu heb ik met het derde model de indruk dat het eenvoudigweg niet praktiseerbaar is. Wat moeten we ons daarbij voorstellen, het zichtbaar maken van al die godsdiensten in het officiële staatsgezag? Moet de vorstin met Kerstmis een boodschap de wereld in sturen waarin Jezus, Mohammed, Krishna en allerlei andere heilige figuren die in Nederland worden vereerd op gelijke voet wordt recht gedaan? Maar wat voor soort “kerstboodschap” mag dat wel zijn, als men dit überhaupt nog een kerstboodschap zal mogen noemen?

Het vierde model lijkt mij daarentegen heel goed praktiseerbaar. En dat zal alleen maar méér praktiseerbaar zijn, naarmate de samenleving pluriformer wordt. In die zin bewegen de westerse samenlevingen zich met de internationale migratiebewegingen vanzelf naar een situatie toe waarin alleen nog maar de laïcité overblijft als het geschikte model om de maatschappelijke verschillen in goede banen te leiden. Van alle andere modellen zullen de nadelen steeds scherper naar voren komen.

Vaak wordt gezegd dat voor de nieuwe migranten uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten de laïcité een volkomen vreemd idee is en dat zal blijven. Maar dat lijkt mij een onheilspellend perspectief. Het is alsof men zegt: “Oh, het idee van een neutrale rechter die recht toepast dat niet goddelijk van herkomst is, maar gemaakt door een democratische wetgever zullen zij nooit accepteren. Voor hen is alleen de sharia aanvaardbaar, dus laten we maar elke pretentie van neutraliteit laten varen.” Dat zou rampzalig zijn. Het valt heel goed uit te leggen, waarom iedereen, maar dan ook iedereen, belang heeft bij het formuleren van gemeenschappelijke grond op basis van het principe van neutraliteit.

Waar het de verlichtingsoptimisten totaal aan ontbreekt, is een besef van urgentie.
Nu ben ik zelf een grote optimist. Maar ik denk wel dat je het lot een handje moet helpen. En ik denk ook dat je de structuren moet scheppen die het menselijke samenleven onder condities van verschil in goede banen leiden. In het verleden, toen de levensbeschouwelijke en religieuze verschillen kleiner waren, was dat belangrijk. In de toekomst is het onontbeerlijk.

Ik geef toe dat dit alles is ingegeven door een taxatie van de maatschappelijke situatie en vooral een taxatie van de toekomst. Die toekomst is onzeker, niet alleen in Nederland, maar in geheel Europa en ook in Engeland. Ik wil dat best als een “uitdaging” zien. Maar dan wel liefst met mensen aan het roer van het schip van staat met realisme, kennis van zaken, en liefst ook mensen die een beetje hebben rondgekeken in de wereld. Het is namelijk helemaal niet zeker dat de toekomst ons een verdere geleidelijke pacificatie van godsdienst gaat brengen, zoals dat in het verleden mogelijk is gebleken. Waarom zou dat niet het geval zijn, vragen dan al die vriendelijke randgelovige columnisten die godsdienst wel sympathiek vinden als het maar tolerant blijft en een tot niets verplichtende vorm aanneemt? Ja, waarom niet? Dat is een lang verhaal, maar laten we voorlopig gewoon rondkijken in de wereld en vervolgens constateren dat fundamentalisme in opkomst is, niet vrijzinnigheid. Dat geldt voor zowel jodendom, christendom als islam. Een dergelijke diagnose gaat in tegen het rozige wereldbeeld van de postmodernist en wat ingaat tegen zijn wereldbeeld kan hij dus ook niet “zien”. Hij “ziet” het waarschijnlijk ook echt niet. Hij weet van de prins geen kwaad.

Mijn eigen positie komt in de buurt van die van Gilles Kepel zoals uiteengezet in Fitna. Dat wil zeggen: er is binnen de islam een strijd gaande tussen hervormingsgezinden en orthodoxen. Volgens Kepel zijn in die strijd orthodoxen aan de winnende hand. Je moet dus de vrijzinnigen “helpen”.

Tot zover is het hier gestelde niet zo controversieel, is mijn verwachting. Het meningsverschil ontstaat over de vraag hoe je hulp moet geven aan de goede krachten. De postmodernen kiezen dan voor een laag profiel. Godsdienst niet bekritiseren, “respect” tonen, tijd gunnen en vooral: de geloofsgenoten moeten het zélf doen. Kritiek “van buiten” is altijd verkeerd (“contraproductief” is hier het sleutelbegrip).

De postmodernen denken ook dat je niet moet proberen om een nieuwe seculiere moraal te ontwikkelen en ingang te laten vinden (dat is ook maar “fundamentalisme”), maar dat je aan de godsdienst vrijzinnige interpretaties moet geven.

Maar waarom zou de kritiek “van binnen” en de kritiek “van buiten” elkaar uitsluiten? Waarom mag Luther niet ondersteund worden door Voltaire? En is “tijd gunnen” en wachten tot “van binnenuit” liberaliseringpogingen worden ondernomen wel zo verantwoord? Hoeveel tijd dan? Hebben we die tijd wel? En kan kritiek “van binnenuit” wel tot ontwikkeling komen zonder steun “van buiten”? En hoe kan de overheid vrijzinnigheid steunen zonder zich diepgaand in te laten met theologische strijdvragen?

Veel beter lijkt het mij, zoals Kepel voorstelt, de laïcité te steunen. Die schroomvalligheid voor kritiek van buiten lijkt mij ook niet verstandig. Je “helpt” niets en niemand – en in de laatste plaats moslims niet – door jezelf niet ontvankelijk te verklaren voor informatie over de opkomst van het fundamentalisme. Juist de opkomst van het fundamentalisme is de belangrijkste reden voor een revitalisering van de laïcité.

Waar leidt dit alles toe?
Ik heb al verschillende keren aangegeven: dit is een boek over ethiek. Natuurlijk kan men in het kielzog van de ethische benadering wel andere zaken aan de orde stellen, maar het blijft een boek over ethiek. Dat andere is, zoals hiervoor op verschillende plaatsen is gebleken, het verschijnsel van het religieuze terrorisme dat op het ogenblik de regeringen en burgerij van zowel westerse als oosterse landen voor aanzienlijke problemen plaatst. Ik heb niet de illusie dat ik een oplossing heb gevonden voor deze hedendaagse maatschappelijke plaag, maar ik hoop wel dat het hier gestelde daaraan een bijdrage kan leveren.

Mijn belangrijkste stelling is: religies zijn niet alleen bronnen van liefde, zoals Mark Juergensmeyer terecht aangeeft, maar ook van geweld. Dat is voornamelijk (zij het niet exclusief) het geval bij de theïstische tradities waarin de goddelijke-bevelstheorie als ethisch richtsnoer wordt geproclameerd.

Ik beweer niet dat er geen andere factoren zijn aan te wijzen die het terrorisme en geweld stimuleren en bepalen. Die zijn er zeker. Maar de goddelijke-bevelstheorie (als onderdeel van de drie theïstische tradities), is wel één van die factoren. Het is erg moeilijk je religieus terrorisme voor te stellen zonder de goddelijke-bevelstheorie.

Het zou dus goed zijn wanneer die goddelijke-bevelstheorie niet zoveel aanhang zou hebben. Helaas is dat wel het geval. Niet alleen in kringen van terroristen overigens, maar ook in belangrijke bewegingen binnen het westerse en oosterse denken. De goddelijke-bevelstheorie sluit aan bij onderdelen uit heilige geschriften en ook bij het officiële godsbeeld dat jodendom, christendom en islam gemeenschappelijk hebben (de theïstische god). In tegenstelling tot wat zou moeten gebeuren, worden problematische passages uit heilige geschriften zelden serieus gethematiseerd of bekritiseerd. Wie daarvoor aandacht vraagt, krijgt te horen dat verstandige mensen die passages niet serieus nemen en men wordt aangespoord daaraan geen aandacht te geven. Soms wordt ook glashard ontkend dat die passages bestaan. Ook wordt wel gezegd dat deze passages weliswaar te vinden zijn, maar dat het gevaar dat daarvan uitgaat niet zo groot is omdat de goddelijke-bevelstheorie slechts bij een kleine minderheid tot morele wandaden leidt.

Mij hebben deze antwoorden nooit bevredigd en in feite is dit boek één lange worsteling om een oude intuïtie intellectueel te doordenken en te verwoorden: de intuïtie dat moraal van godsdienst zouden moeten worden gescheiden, omdat alleen dat tot een duurzame oplossing leidt voor de problemen waarin hedendaagse multiculturele samenlevingen terecht zijn gekomen.

Het is niet relevant dat slechts een klein deel van de passagen uit de heilige schrift oproept tot geweld. Zolang in het algemeen de pretentie van de heiligheid van de schrift overeind blijft als richtsnoer voor ethisch en politiek handelen (en die wordt door vrijzinnigen niet aangevochten), zal een kleine minderheid van radicale gelovigen bij die passages aansluiting blijven zoeken. Wie dat niet wil erkennen en alleen “endogene kritiek” toestaat of kritiek via vrijzinnige interpretaties maar de heiligheid van de tekst zelf niet ter discussie wil stellen, blijft “kurieren am Symptom”.

Mijn probleem met het courante standpunt over dit onderwerp blijft dat in de grote theïstische tradities een theorie sluimert die serieuze problemen kan opleveren, en het lijkt me onverantwoord daarvoor de ogen te sluiten. Ik wil niet theatraal overkomen, maar vooruit maar: in onze eigen religieuze tradities schuilt een tikkende tijdbom. We zouden er goed aan doen dat te onderkennen en vervolgens te bepalen wat ons te doen staat.

Wat te doen? Het beste zou het zijn te ijveren voor het loslaten van de band tussen religie en moraal. Dat wordt door velen beschouwd als een radicale opstelling en onhaalbaar, door retorisch bevlogen auteurs zelfs voorgesteld als niet wezenlijk verschillend van het kwaad dat we proberen te bestrijden. Naar mijn idee is dat niet terecht. De legitimatie van moraal in religie is principieel een probleem omdat deze altijd de mogelijkheid openlaat dat vroeg of laat iemand zegt: “Moraal is toch gebaseerd op religie? Dat zeggen jullie toch allemaal zelf? Goed dan, dan zal ik die stelling nu eens serieus nemen en werkelijk alles ten uitvoer leggen wat ik in mijn heilige geschrift aantref.”

Wanneer iemand zich die houding heeft aangemeten, is het niet van belang dat zijn heilige schrift 99 procent aansporingen bevat tot naastenliefde, huwelijkstrouw, hulp aan de armen en zwakken in deze wereld, want als
één procent (of, vooruit, nog minder) betrekking heeft op het doden van de ongelovigen of de apocalyptische vernietiging van de wereld, dan is dat een groot probleem. Zo kan men op basis van één passage in een heilig geschrift in de overtuiging verkeren dat de wereld vernietigd moet worden. Men kan op basis van één passage van mening zijn dat ongelovigen dienen te worden geliquideerd. Wat op die passages volgt of wat daaraan voorafgaat, is dan niet van belang.

Sommige passages uit de heilige schrift blijven ook een probleem, ook al is slechts de kleinst denkbare minderheid uit een theïstische traditie bereid is tot geweld over te gaan. Zoals Lewis zegt: “voor terrorisme heb je er maar een paar nodig” (“terrorism requires only a few”).

Het spreekt vanzelf dat ik niet zal ontkennen dat voor de ontkoppeling van moraal en godsdienst men de medewerking nodig heeft van substantiële meerderheden binnen de grote theïstische tradities. Het is een in welingelichte kringen vaak herhaald standpunt dat wie religie gebruikt ter legitimatie van geweld, zijn religie daarmee “misbruikt”. Maar wat nog geen courant inzicht is (en wat wel zou moeten groeien) is dat elke legitimatie van een moreel standpunt door een verwijzing naar religie een “misbruik” is van die religie. Pas wanneer dat inzicht gegroeid is, komt een oplossing in zicht.

Nu is er niemand die zal willen beweren (ik zeg het nog maar een keer) dat “alle christenen” abortusklinieken bombarderen, “alle joden” aanslagen op vooraanstaande politici willen plegen en “alle moslims” de jihad willen voeren. Niemand kan ook stellen dat “het gehele christendom” Abraham serieus neemt die zijn zoon wel wil offeren. Of dat het “gehele jodendom” Pinechas geneigd zou zijn te volgen. Of dat “de gehele islam” in de ban is van Sayyid Qutb of samenvalt met het Wahhabisme of Salafisme.

Wie dus fobisch wil reageren op generaliseringen: hij vindt bij mij een luisterend oor. Maar dat neemt niet weg dat we wel over iets moeten generaliseren en dat is dat in onze eigen religieuze tradities, de godsdiensten die we uit het Midden-Oosten hebben overgenomen, zoals G.B. Shaw zegt, een opvatting sluimert die kan worden aangeduid als de goddelijke-bevelstheorie van de moraal.

Ik hoop ook dat ik niet ongerechtvaardigd generaliseer wanneer ik zeg dat het heersende paradigma ten aanzien van religie nogal hypocriet is. Enerzijds bewijst men lippendienst aan de goddelijke-bevelstheorie door te proclameren dat moraal zijn grondslag vindt in religie. Men stelt ook dat je voor religie, religie in het algemeen dus, groot respect moet opbrengen (zonder dat men zich de vraag stelt: voor wélke religieuze tradities? Moeten we hier niet een klein beetje onderscheid maken, bijvoorbeeld het Wahhabisme toch een beetje anders waarderen dan de Alevieten?). Ook spreekt men met groot respect over de goddelijke openbaring die is neergelegd in heilige geschriften. Sommigen doen zelfs voorkomen alsof het met de mensheid allemaal wel goed zal komen, wanneer mensen zich maar op heilige geschriften zouden oriënteren (“Als we nu eens allemaal de Tien Geboden gingen honoreren!” “Als we nu eens eindelijk de Bergrede in praktijk zouden gaan brengen!”).

Kortom, men bewijst lippendienst aan het gehele vocabulaire van de goddelijke-bevelstheorie van de moraal, licht enkele willekeurige passages uit de heilige schrift en leest vrolijk heen over Numeri 25 met het verhaal van Pinechas (wat vervolgens weer níet ontsnapt aan de aandacht van anderen, maar ja, die zijn ook zo “mallotig”).

Op het serieus doorlichten van álle elementen van de religieuze traditie (ook dus de passage over Pinechas) door kritische commentatoren wordt vervolgens panisch gereageerd. Deze passages aanhalen en bespreken, getuigt niet van “respect” voor gelovigen, zo zegt men, want daarmee geeft men blijk van een verlichtingsfundamentalistische houding. Bij de meer agressieve en politiek-correct bevlogen schrijvers loopt een criticus van de goddelijke-bevelstheorie ook nog het risico als een “xenofoob” of “racist” in de hoek te worden gezet.

Kortom, de dominante opvatting wijst nog steeds op het sauveren van de goddelijke-bevelstheorie van de moraal en van de taboeïsering van kritiek daarop.

Alleen: wanneer mensen opstaan die werkelijk die goddelijke-bevelstheorie serieus nemen en een abortuskliniek bombarderen, een vliegtuig in de Twin Towers boren of ongelovigen naar het andere eind van de wereld helpen (zich daarbij beroepend op ondubbelzinnige rechtvaardigingen voor hun geweld in heilige geschriften en elementen uit hun heilige traditie), dan is ineens het huis te klein. Dan trekt de hele goegemeente een verbaast gezicht en vraagt men zich af: “hoe kán het nu toch zo zijn dat deze personen zó zijn geradicaliseerd?”.

Dat is hypocriet. Want het antwoord op die vraag ligt in onze religieuze tradities zélf besloten. En zolang we die religieuze tradities niet zelf kritisch willen ondervragen (en dan vergaander dan waartoe vrijzinnigen aansporen), zullen we geconfronteerd blijven – zo is mijn vermoeden – met mensen die echt doen wat in die heilige geschriften staat. En dat zijn inderdaad soms hele mooie dingen zoals het liefhebben van hun naaste, maar – aansluitend bij andere passages – ook het goddelijk gelegitimeerd vermoorden van hun naaste.

De enige duurzame oplossing is, lijkt mij, het verlaten van de goddelijke-bevelstheorie zelf. Dat zou dan betekenen dat “heilige” geschriften geen andere status hebben dan “gewone” geschriften. Zij leveren ons suggesties aan voor moraal (“tips”, “aanbevelingen”). Die suggesties kunnen zeer waardevol zijn en moet men vooral ook serieus in overweging nemen. Maar het zijn geen dictaten, geen boodschappen die ons worden aangereikt uit een andere wereld dan de ons omringende, die we blind kunnen volgen.

De passages uit heilige geschriften kunnen de moraal ook niet funderen of legitimeren. Over de fundering van de moraal gaat alleen de filosofie, meer in het bijzonder de ethiek. Natuurlijk, dat is een fundament. En als alles wat een fundament heeft “fundamentalistisch” is, dan is ook dit fundamentalistisch. Maar dan is ook de radicale skepsis fundamentalistisch. Eigenlijk is dan alles fundamentalistisch, omdat uiteindelijk altijd, iedereen, ergens zijn anker heeft. (.....)

Paul Cliteur

Uit: Moreel Esperanto, Naar een autonome ethiek - Paul Cliteur
pagina 321-330
De Arbeiderspers, 2007

22 euro 50