Come to Europe

In zijn/haar reactie op de blog van Boris van de Ham over de PVV verwees een anonieme auteur naar het sprookje De kleren van de keizer. Hij of zij ging daarbij uit van een gedeeld referentiekader. Wie kent het sprookje van Andersen niet? Zo zijn er nog tal van andere iconen die we tot het ‘cultureel DNA’ van Europa zouden kunnen rekenen. Ik weet het: de verdeeldheid in Europa is onmiskenbaar. Maar er is ook veel wat ons bindt. Verhalen, beelden, personen, muziek, vormgeving mode, die iedereen, van Dublin tot Lesbos en van St. Petersburg tot Lissabon, iets zegt. Uit heden en verleden. Behorend tot high of low culture. Bach, Beethoven, en de Beatles. Van Gogh en Picasso. Maar ook Ikea en het totaalvoetbal. Don Quichot en James Bond. Kuifje en Harry Potter. IK weet het: er komt niets goeds uit Europa; we zouden meer moeten putten uit de nationale cultuur en nationale tradities. Toch kennen we van Oslo tot Athene en van Brest tot Warschau de figuur van Don Juan, de lelijke eend van Citroën, het zwaard van koning Arthur. We weten wat lego is, maar ook waar de Matthäus-Passion voor staat. We zijn bekend met de luxe-accessoires van Prada en Gucci, maar ook met de Mona Lisa en De Scheve Toren van Pisa. Met de Franse Revolutie en Auschwitz. Met de minirok en de kathedraal van Chartres. Er is heel wat moois dat grensoverschrijdend is, genoeg cultuurgoed waarop alle Europeanen trots (of juist niet) zouden kunnen zijn. Pieter Steinz geeft in zijn net verschenen Made in Europe een fraai overzicht daarvan. Interessant leesvoer voor allen die naar Straatsburg gaan.

Wat delen we in Europa? Politieke onmacht, een banksysteem, open grenzen, onintegreerbare
immigranten misschien, een paspoortzone? De democratie? Ook die lijkt verschillende gedaanten te kennen. Op de eurobiljetten staan fantasiegebouwen afgebeeld. De Italiaanse semioloog en schrijver Umberto Ecco schreef eens: zet er toch beeltenissen op van Shakespeare, Mozart, Rembrandt en andere Europese culturele grootheden. Of zou er dan kinnesinne ontstaan tussen de verschillende nationale staten? Steinz vindt het duidelijk onzin dat we steeds de verschillen benadrukken en daarmee de overeenkomsten over het hoofd zien. Hij bespreekt op een levendige en zeer associatieve manier fenomenen als ABBA, Pipi Langkous, Romeo en Julia, het filmfestival van Cannes, glas-in-lood, de Eiffeltoren, Dracula en nog zo’n 200 andere Europese iconen. Rusland doet bij hem ook mee. Muziek, dans, literatuur. Wodka komt in het uitgebreide register niet voor. Wel de Russische kaviaar in verband met James Bond die ook een liefhebber is van Franse champagne en de voorkeur geeft aan een Duits pistool. Hij rijdt in een Bentley en niet in ‘la déesse’, de godin, de Citroën DS dus, door Steinz de kathedraal voor de 20ste eeuwse man genoemd, een magisch object dat in ieder Europees land een andere naam kreeg, dat dan weer wel.

Zo’n verzameling van culturele bouwstenen heeft natuurlijk iets willekeurigs. Wellicht zou elke Europeaan weer een andere canon maken. Er is immers genoeg wat ons bindt. Steinz gaat ook zeer vrij te werk en legt allerlei verbanden en dwarsverbanden. Hij bakent niet af maar zet de grenzen zo ver mogelijk open, tussen landen, tijdsperioden, kunstdisciplines en tussen zogenaamde hoge en lage cultuur. Met gemak verbindt hij surrealistische films met schilderijen van Magritte en Francis Bacon. Het is heerlijk te lezen over bekend geworden zinsneden als ‘rare jongens die Romeinen’(Asterix), over de Beatles, die de jarenvijftigrock-’n roll en rhythm-and-blues versmolten met Europese elementen als klassieke kamermuziek (In my life, Piggies), Music-hallidioom (When I’m Sixtie-Four, Honey Pie), Franse chansons (Michelle), en de nonsensrijmen van Lewis Caroll (I Am The walrus). Over Yves Saint Laurent die in 1965 de Mondriaanjurk ontwierp. De Portugese fado gaat terug op liefdesliederen uit de Middeleeuwen. Fadozangeres Christina Branco maakte o.a. furore met een bewerking van gedichten van Slauerhoff en Nynke Laverman zingt fado’s in het Fries. Weemoedige muziek overbrugt vaak de afstand tot het eigen land. Zo ook de polonaises en muzurka’s geënt op Poolse volksdansen, die Chopin componeerde toen hij in Frankrijk was neergestreken om carrière te maken. Tegenwoordig dansen Polen de polonaise op het Brabantse carnaval. Volkskunst als de commedia dell’arte uit de zestiende eeuw werd door Molière hergebruikt aan het Franse hof en vond later zijn weg naar de poppenkast en het circus. Behalve de beroemde toren in Parijs bouwde Eiffel tal van bruggen en grote gebouwen. Geïnspireerd door deze bruggenbouwer verwierf de Spaanse architect Santiago Calatrava Europese faam met zijn bruggen en stations in o.a. Ierland, Nederland, Italië, België en Zweden. Ook de Erasmusbrug (‘de Zwaan’) in Rotterdam is Europees vermaard. Erasmus (1437-1536), man van het Europees humanisme, auteur van De lof der zotheid, schreef: “De wereld is het gemeenschappelijke vaderland van alle humanisten”. Van de schrijver Kafka zijn twee bijvoeglijke naamwoorden afgeleid – kafkaësk en kafkaiaans. Ze zijn in het alledaags taalgebruik doorgedrongen en refereren aan existentiële onzekerheid en een alles vermalende bureaucratie zoals die in ’Brussel’. Wie gemangeld wordt door eindeloos doorverwijzende zogenaamde hulpdesks of verstikkende ambtelijke procedures roept Kafka aan. Je hebt de neus van Cyrano de Bergerac en die van de marionet Pinocchio uit het gelijknamige kinderboek. De laatste groeit wanneer Pinocchio leugens vertelt en is in cartoons het symbool geworden van de onbetrouwbare politicus. Er bestaat zelfs ‘de pinocchio paradox’, een variatie op de uitspraak ‘Alle Kretenzers liegen, zegt de Kretenzer’. ‘Mijn neus is aan het groeien, zegt Pinocchio’. Wagner heeft in zijn opera’s heel wat (Noord) Europese sagen verwerkt, o.a. de Noorse Völsungasaga in zijn Ring des Nibelungen, door Tolkien gebruikt in The Lord of the Rings, en door Willy Vandersteen in zijn Suske en Wiske-album 137 De Ringelingschat. Wie kent niet de puzzledetectives van Agatha Christie, een traditie die doorbroken is door de Scandithrillers van Mankell en Larsson. Christie is trouwens één van de weinige vrouwen die Steinz vermeldt. Simone de Beauvoir bungelt aan de zijde van Sartre en Birgitte Bardot wordt twee keer alleen even genoemd.

Pieter Steinz, o.a. werkzaam voor de NRC, publiceerde al eenderde van zijn Europese items in genoemd dagblad. Soms gaan ze over een kunstenaar en zijn kunst, dan weer over een personage, een bedrijf, een object, een idee of een verschijnsel. Achter in het boek staan schema’s die houvast bieden voor deze zelf gekozen canon van de Europese Bildung. Afgelopen week stond Obama voor De Nachtwacht, één van de door Steinz genoemde iconen, terwijl drie wachters van zijn bewakingsdienst de nacht ervoor om disciplinaire redenen naar huis waren gestuurd. Directeur Peijbes was er als de kippen bij om zich met de president van de US voor dit pronkstuk te laten fotograferen. Die foto staat nu in The New York Times. Come to Europe, staat erbij, and visit The RijksMuseum. Made In Europe is een bijzonder en rijk boek. Utile et dulce. Het kan hen die naar Straatsburg gaan en weer terug of logeren in een hotelletje in deze Frans-Duitse stad nuttige en aangename uren bezorgen. Of ze nu voor of tegen Europa zijn.

Dick Gilsing

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen