
De actie van de helikopter op het strand in Libië blijft vragen oproepen. Kan je als gewoon Nederlands burger tijdens een crisis even de Nederlandse ambassade bellen die dan een helikopter stuurt? Ja, je kunt wel bellen, maar dat heeft weinig zin als het antwoordapparaat niet aangesloten staat.
Ik heb een aantal keren in het Midden-Oosten in een crisissituatie rondgelopen, en heb niets dan lof voor de manier waarop de plaatselijke ambtenaren van een ambassade de zaken dan aanpakken, ondanks de manier waarop hun collega’s in Den Haag meehelpen om het hunne bij te dragen aan de afloop van wat er bezig is te gebeuren. Zo’n verschil van perspectief is trouwens uiteraard onvermijdelijk. Maar een helikopter langs sturen? Het valt eigenlijk een beetje buiten mijn horizon.
Dat is niet de enige vraag over Libië die de regering ooit eens zal moeten beantwoorden. De opstandelingen die nu ‘onze’ hulp krijgen hebben geen leger, geen commandostructuur en geen goed zichtbare organisatie of woordvoerder. Hun opvattingen over politiek en samenleving zijn ons onbekend. Het enige vliegtuig dat ze hadden, hebben ze zelf neer weten te halen. Ze hebben wel pistolen en geweren waarmee ze in de lucht schieten, en dat zijn vreugdeschoten, weten we inmiddels van de Nederlandse staatsmedia.
Wat zouden wij denken als de Volksrepubliek China overhaast de Amsterdamse kraakbeweging te hulp schiet? Wat zou de rest van Europa denken? Berlijn? Brussel? Bij voorbaat hierbij tegelijkertijd mijn verontschuldigingen aan China, dit is geen belediging van China maar een poging om voor de Nederlandse lezer op een effectieve manier een beeld van de situatie te creëren.
Voor de komst van een nieuwe wereldorde hoeven we niet langer te vrezen. De komst van een nieuw soort wanorde daarentegen des te meer.





















