Frenemies of Free Speech

door Sam Schulman

This weekend is the anniversary of the first truly liberal attempt to prevent hatred by restricting free speech. On March 15, 1939, Denmark made it a criminal act to spread “false rumors or accusations” in order to incite “hatred against a group of the Danish population because of its creed, race, or nationality”—with a fine for those who did so in speech and detention or prison for those who did so in print or broadcasts. The law was designed to hamper the activities of Danish Nazi sympathizers. On May 31 the same year, Denmark made itself even more secure against Nazism by signing a non-aggression pact with Germany. Less than a year later, Hitler initiated the six-hour conquest of Denmark by putting an armored battalion on the regular ferryboat from Rostock to Denmark. The treaty didn’t stop him, nor did the fear of feloniously violating Section 266b of the Danish Penal Code by inciting hatred against Jews and Communists.

The German Army packed its bags in 1945, but Section 266b remains in force, much modernized (it now applies to hatred of any group, not just Danes, and prohibits insults to sexual identity), a standing rebuke to what Europeans call “the American version” of free speech: freedom to speak unconstrained by restrictions against “hate,” against insulting or offending individuals or groups, and without special protection for specific religions (Islam), races, or historical facts. In 2011 so far, American-style free speech has been widely condemned (for the Tucson mass murder, notably), though it has also had moments of popularity, particularly since the Arab revolutions began in Tunisia, and again with the madcap activities of public employee unions in Wisconsin. Even Tom Friedman took a holiday from his admiration for Chinese autocracy to celebrate the Twitter revolutions.

Lees hierr verder.

Gnomen zijn camp

door Dick Gilsing

Op de tuin gebeuren soms vreemde dingen. Ineens ligt er een berg dennenappels in je tuin. Geen idee waar ze vandaan komen. Of het houten vogeltje uit het vogelhuis is verdwenen. Wie heeft daar nou wat aan? Erger nog: er staat plotseling een tuinkabouter ergens achter de struiken. Zo’n sinister lachend bebaard stenen mannetje. Dadelijk komt ie nog tot leven. We hebben het hier over de volkstuin op een tuinencomplex. Klinkt niet vriendelijk. Niet gezellig. Maar het is een mooie plek. Zeker nu de lente weer in aantocht is. Alleen kunnen daar dus rare dingen gebeuren. Vooral als je er heel lang achtereen zit, geen idee meer hebt wat er in de wereld gebeurt en je soms wegzakt in een toestand van aangename of juist onaangename verdwazing. Dan wil de tuinkabouter van de buren wel eens over het hek klimmen en iets onvindbaar maken of iets achterlaten wat er tevoren niet was. Je zou er achterdochtig van worden, paranoïde, of gnomofoob.

Wie schetst mijn verbazing, toen ik aangekondigd zag, dat er een kabouterfilm van Disney uit was? Een animatiefilm over twee rivaliserende groepen tuinkabouters die in hun aangeharkte Britse tuintjes het verhaal van Romeo en Julia herbeleven, op klanken van Elton Johns grootste klassiekers. Shakespeare moet zich vaak geërgerd of vergenoegd hebben omgedraaid in zijn graf, wanneer er weer eens een geadapteerde versie van één van zijn 36 toneelstukken in premiѐre ging. In ballet, muziek, toneel of film. En nu dus in animatie.

Shakespeare’s eenvoudig uitgevoerde graf is te vinden in Stradford-upon-Avon, een stadje met zo’n 30.000 inwoners, waar per jaar een dikke drie miljoen mensen doorheen lopen. Veel meer dan dat graf van de meester vinden ze niet. Wel heet elk café The Tempest of Falstaff, en elk hotel The Winter’s tale of Romeo and Juliet. Overal zie je ook spreuken uit zijn geschriften: Something is rotten in the state of Denmark, To be or not to be(2b or not 2b), that’s the question, there is some system in his madness. Alle drie uit Hamlet. Vooruit, eentje uit Romeo and Juliet: Tempt not a desperate man. Deze verzuchting komt niet in de animatiefilm Gnomeo and Juliet voor. Wel het standbeeld van de oude meester, dat een belangrijke rol speelt in de afloop van het geanimeerde drama.

Bellini en Gounod schreven bekend geworden opera’s op basis van Shakespeare’s drama over een onmogelijke liefde. Cupuleti e i Montecchi in 1829/30 en Roméo et Juliette in 1865/67. Prokovjef componeerde zijn ballet Romeo en Julia in 1935/36. De musical Westside story (op Broadway 1957), waarin een Pools/Amerikaanse en een Puerto Ricaanse straatbende met elkaar rivaliseren, is gebaseerd op Shakespeare’s verhaal. Deze succesvolle productie, met muziek van Leonard Bernstein, werd verfilmd in 1961. Talloze malen is het toneelstuk Romeo en Julia voor het voetlicht gebracht. De laatste vijfentwintig jaar in de meest uiteenlopende bewerkingen. Ik kan me de prachtige enscenering herinneren van Dirk Tange (KVS Brussel 1988), die hij samen met Berend Boudewijn in 1991 op tv bracht. En die van Johan Doesburg in 2009 bij Het Nationale Toneel. Het bekende Drentse (amateur) Theater Diever, dat elke zomer een stuk van Shakespeare in de open lucht speelt, bracht Romeo en Julia op grootse wijze in 1958, 1973 en 1985.

De eerste verfilming van Romeo en Julia was er al in 1900 (een Franse versie). Er zijn er zo’n veertig gemaakt. De meest bekende versies werden die van Irving Thalberg (1936), Franco Zeffireli, met muziek van Nina Rota (1968) en in 1996 plaatste Baz Luhrmann het verhaal – met behoud van Shakespeare’s taal - in het futuristische stadsdeel van Verona Beach met Leonardo Dicaprio en Claire Danes als het liefdespaar (Romeo + Juliet 1996). In de biopic Shakespeare in love (John Madden 1998) vormt het stuk, of eigenlijk een voorloper daarvan, het verhaal binnen het raam van Shakespeare’s leven.

Vanaf de jaren negentig heeft het eeuwen oude verhaal van de onmogelijke liefde imput gegeven aan talloze films waarin de ‘multiculturele’ samenleving gethematiseerd wordt. In het sociaal-realistische drama Ae fond kiss van Ken Loach (2004) gaat het om de relatie tussen een Pakistaanse jongen en een Schotse jonge vrouw. In de komedie Kebab Connection (Anno Saul 2005)spelen een Duise jonge vrouw en een Turkse jongen de rollen van Julia en Romeo. Ook in Nederland zijn dergelijke films gemaakt, zoals Het Schnitzelparadijs van Martin Koolhoven (2005), waarin het Romeo en Julia- thema wat naar de achtergrond verdwijnt ten gunste van komische kwajongensstreken à la de tv-serie Shouf shouf habib. In Najib en Julia ( dertien delige tv-serie 2001) werkte Theo van Gogh – op basis van een scenario van Justus van Oel – het thema explicieter uit: hier waren de geliefden een Marokkaanse pizzakoerier en een Haags hockeymeisje

En nu dus de animatiefilm Gnomeo and Juliet van Kelly Asbury die eerder Shrek 2 maakte, met vele liedjes van Elton John. De laatste komt ook nog even persoonlijk langs en doet een duet met Lady Gaga. Capulet en Montague zijn twee buren (twee huizen – rood en blauw - onder één kap). Ze hebben voortdurend ruzie. Waarom, dat weet eigenlijk niemand meer. Zo ook de rood en blauw gemutste kabouters in hun tuin, van wie roodkapje Juliet en de blauwgemutste Romeo op elkaar verliefd worden. De kabouters komen overigens, geheel volgens de Toy story regels, tot leven wanneer niemand kijkt en ze verstenen weer zodra ze voor de buitenwereld zichtbaar zijn. Het geheel is een aaneenschakeling van doldrieste en komische computergestuurde avonturen met krankzinnige intermezzo’s zoals de reclamespot voor een immense grasmaaimachine. Het tragische einde wordt door een handige truc ontlopen. Het standbeeld van Shakespeare legt tegen het einde uit waarom hij koos voor zijn afloop, waarna hij zijn goedkeuring verleent aan het feestelijke slot van dit kinderkabouterverhaal.

Gnomofoben zullen niet snel naar deze film gaan. Shakespeareliefhebbers misschien ook niet. Al hebben de makers erg hun best gedaan op het creëren van een laag waarin het wemelt van de toespelingen op het werk van de toneelschrijver. Maar misschien gaan de kabouterhaters door deze film juist om. Misschien worden gnomen camp. En wordt deze film een hit in de kantines van alle tuincomplexen ter wereld.

Weg met de vrouwen?

Vervolgens

door Nahed Selim

Ik heb altijd gewaarschuwd voor te optimistische verwachtingen van de opstand in het Midden-Oosten. Terwijl de hele media zich bezondigde aan een constante euforie over de demonstraties in Tunesië en Egypte, stond ik op het standpunt dat er veel meer nodig is om een democratische rechtsstaat op te bouwen. Het verjagen van een despoot, het vervangen van een president door een andere president is misschien maar het begin want dan begint pas een lange weg van het opbouwen van instituties, het veranderen van de mentaliteit, de cultuur en de rolpatronen in een land.
8 Maart was de dag waarop het overmatige ... [lees hierr verder]

Absurdisme

door Dick Gilsing

Van tijd tot tijd hoor je de wonderlijkste spreekwoorden en uitdrukkingen. Het zijn vaak verhaspelingen van één, twee of meer uitingen die in een spreekwoordenboek terug te vinden moeten zijn. “Iemand over zijn stag laten gaan”. Of: “Een haan kraait niet naar een dode kip”. En: “Zoals de zweep thuis klapt, klapt hij nergens”. Ze hebben het effect van nonsensicale humor, zoals die voorkomt in teksten van Carrol, Jarry, Charms en Kafka. De laatste is dan meteen een hele grote verteller van absurdistische verhalen. Maar ook komieken, cabaretiers (Wim Helsen), toneelschrijvers en filmmakers konden en kunnen er wat van. Sommigen hanteren een absurde stijl van humor, anderen creëren een vervreemdende sfeer, rare woordcombinaties en zinswendingen, absurdistische plotverschuivingen, vreemde figuren, handelingen zonder enige logica. Ze zetten onze wereld even op z’n kop. We happen naar een lineair en logisch verband. Maar dat is er niet. Vaak ontbreekt iedere pointe. En is er alleen maar nonsens, die ons wel de nodige eerste hulp biedt bij een al te gesloten wereldbeeld.

“Chico: De vuilnisman is er. Groucho: Zeg maar dat we niets nodig hebben.” “Dikke boems de biggenknijper kan niet door de puntenslijper”. “Geluk zit soms in een klein broekje”. “Ach Ober, ik heb per ongeluk mijn koffie opgedronken! Zou u het heel erg vinden mij een nieuwe te brengen”. “Onweert het in mei, dan is April voorbij”. “Als ik een verkeerd nummer gedraaid heb, waarom neemt u dan op?” “Ik ben niet getrouwd; mijn schoonouders konden geen kinderen krijgen”. “Neurotische spermatozoïde die vlak voor de grote sprong in paniek raakt: “Je hoort van die enge verhalen, je weet wel, van die pil die vrouwen schijnen te slikken, of dat onze jongens zich te pletter liepen tegen een muur van rubber! En als het eens een homofiel is?” “Steden zouden op het platteland gebouwd moeten worden. Het is er zo heerlijk fris”. “Ik heb jullie opstellen nagekeken: Ik moe. Ga slapen. Heleboel tijd later: wekker tring tring. Ik word wakker. Gaap.Gaap. Van wie is deze korte novelle?” “De rol van de wetenschap als hedendaags katechon is niet meer – maar ook niet minder – dan een illusie. Ook al is twaalf dozijn nog altijd een gros en pi 3, 141592653589793238462643383279 en nog wat. Wetenschap is in mijn ogen een zelfzuchtige, eendimensionale bezigheidstherapie. Een omtrekkende beweging om fragiele structuur aan te brengen in de allesomvattende chaos, een vorm van religie zeg maar. Als bange kinderen blijven we krampachtig zoeken naar systeem en duiding. Opnieuw een gesloten cirkel. Eén plus één is twee.” “Wat gebeurt er met de gaten als de kaas op is”?

Deze teksten zijn – in willekeurige volgorde – van Wim T. Schippers, volkswijsheid, Thurber, Van Warmerdam, The Marx Brothers, Buddingh’, Allais, Koolhaas, A.H.J. Dautzenberg en Woody Allen. U kunt zelf de juiste naam bij de juiste apekool zetten. De laatste dinguerie is van Brecht, een vraag die ook gesteld wordt door de filosoof Roy Sorensen. In het VPRO-programma Wintergasten (2010) werd hij geïnterviewd door Raoul Heertje over dingen die er niet zijn, zoals de gaten in de kaas.
Sommige van deze – en andere – onzin komt voor in de vermakelijke bloemlezing van Tysger Boelens en Gerrit Komrij: Perplexicon. Het abc van de nonsens (2007). Een heerlijke verzameling flapdoodle bij elkaar. Absurdisme van het lichtere soort, balancerend tussen filosofische verbazing en prettige gekte. Zwaarder is wat we Het Absurdisme van in en na WO II noemen, een filosofische stroming waarvan Camus de grondlegger is, vooral met zijn De Mythe van Sisyphus (1942). Daarbij sluiten het existentialisme van Sartre en De Beauvoir aan, evenals het Absurde Theater van Beckett en Ionesco. Beckett is in Nederland vertaald door Jacoba van Velde, die in 1953 de existentialistische roman De grote zaal publiceerde en in de jaren zestig en zeventig als dramaturge verbonden was aan toneelgroep Studio, die onder leiding van Kees van Iersel het werk van genoemde absurdistische toneelschrijvers (ook van Adamov en Obaldia – van de laatste verscheen onlangs de geestige en tegelijkertijd tragische absurdistische roman De Graf zeppelin of De lijdensweg van Emile / vertaling uit het Frans van Mirjam de Veth) in Nederland introduceerde. De roman van Jacoba van Velde (zus van de schilders Bram en Geer) is in oktober 2010 opnieuw uitgegeven en gepromoot door de Stichting Collectieve propaganda van het Nederlandse Boek. Wat Camus betreft kunnen we zeggen dat zijn gedachtegang - in het kort - hierop neerkomt: Het leven heeft geen enkele betekenis. Dan kun je zelfmoord plegen. Of je creëert een kunstmatige betekenis (bv in godsdiensten). Zijn optie is: je realiseert je de betekenisloosheid van het bestaan en houdt je niettemin in leven. Dan ben je een absurdistische held.

Iets van die absurdistische held heeft A.H.J. Dautzenberg, die in 2010 debuteerde met Vogels met zwarte poten kun je niet vreten. In het voorjaar komt zijn tweede boek (De Samaritaan) uit. Dertig verhalen telt zijn debuut, alle geheel verschillend van onderwerp en toon. Soms zijn ze vermakelijk. Soms bloedstollend mooi. Soms uitermate gruwelijk. Soms erg melig en flauw maar tegelijkertijd ook weer verontrustend. En altijd absurdistisch. Een meisje dat hoofdpijn heeft stopt zich achter het behang en wordt nooit meer teruggevonden. Twee enthousiaste westerlingen wonen de steniging bij van een verkracht Afrikaans meisje. Een jongen krijgt met kerst een doos met twee vechtende mininegers. Dochter houdt zich in de woestijn in leven door het sperma van haar vader te drinken. Een directrice van een groot concern wordt gekidnapt door Eskimo’s. Een vrouw heeft een kraantje op haar rug waaruit water komt. En zo zijn er nog vierentwintig andere gekscherende en ontregelende verhalen. Dautzenberg verklaart zich in de verantwoording en elders schatplichtig aan o.a. Kafka, Camus, Reve en Grunberg. Het gaat hem niet om leuke woordspelingen of een lollig soort absurdisme. Hij wil absurdisme dat schuurt en gaat over existentiële vragen. Hij schept een gruwelijke en soms bloedstollend mooie wereld waarin hij de lezer – soms tegen zijn/haar wil - gevangen houdt. In dit verband lijkt het niet toevallig dat de hoofdpersoon in het verhaal Glückauf verwijst naar de film Inland Empire van David Lynch. Ook zo’n bizarre, vreemde en ontregelende droomwereld. “Stel nu”, vraagt de hoofdpersoon, “meneer de koempel, stel nu dat een dove naar Inland Empire kijkt, hoe zou hij die film dan beleven?” ”Naar wat?” “Zou hij zonder de mysterieuze en aanzwellende muziek niet gewoon door de aanstellerige kitch van die Lynch heenprikken?” “Kameraad, ik weet niet waar je het over hebt. Maar het is hoog tijd dat jij de mijnen in gaat.” Een opmerking die niet gespeend is van enige (zelf)ironie en (zelf)relativering. ‘Dat dan weer wel’. Om maar eens een uitdrukking te citeren die Dautzenberg wat al te vaak in zijn eerste dertig gepubliceerde verhalen gebruikt. Tenslotte nog een absurdistische kwinkslag uit het verhaal Bingo, waarin de schrijver op een gezapige manier verslag doet van een bingo-avond in een bejaardentehuis tot er enige beroering ontstaat, wanneer de ene bejaarde tegen de andere opmerkt: “Als u een breezer voor mij bestelt, mag u mij straks neuken.” Het is bij Dautzenberg vaak humor van een rauwe, bijzonder bizarre soort, die niet iedereen zal bevallen, maar die vaak wel ontregelend werkt.

Uitspraak van de week (2): ‘Hoofddoek is besmettelijke ziekte’

 
Uit interview van Kleis Jager met Rayhana in papieren Trouw van 8 maart 2011.


‘Hoofddoek is besmettelijke ziekte’
Vorig jaar probeerden twee mannen de Frans-Algerijnse Theatermaakster Rayhana op straat in Parijs in brand te steken.

… Ze wordt boos over ‘linkse pseudofeministen’ die islamisten naar de mond praten. “Ze praten uithuwelijken of polygamie goed met een beroep op diversiteit, de hoofddoek is geweldig, sommigen billijken zelfs genitale verminking. Allemaal bang extreem-rechts in de kaart te spelen. Maar dat doen ze juist door het taboe in stand te houden en niets aan de orde te stellen. Ze zeggen eigenlijk: wij hebben onze vrijheid, maar die is niet voor jullie.”

“Wat zij niet begrijpen is dat de hoofddoek een besmettelijke ziekte is. Veel mensen in Frankrijk, en ook in Nederland vermoed ik, weten niet hoe het werkt. De hoofddoek is geen onschuldige, individuele keus. Die hoofddoek heeft consequenties voor andere vrouwen. Je drukt ermee uit wat voor samenleving je wilt, eentje waarin mannen en vrouwen zoveel mogelijk gescheiden zijn en vrouwen minder rechten hebben. Want wat wil dat zeggen, je haren niet laten zien? Dat mannen niet voor zichzelf instaan en je kunnen verkrachten?”

De zelfbewuste, goedopgeleide hoofddoekdraagsters in Europa hebben de zwakke plek in de liberale democratie gevonden, stelt ze vast. “Ze zijn vreselijk handig. Iedereen die iets kritisch over de hoofddoek opmerkt, maken ze verdacht: geen democraat. En iedereen die het voor ze opneemt, kan zich dankzij hen een beetje vrijheidsstrijder voelen.”

Belangrijk is hoeveel hoofddoeken er zijn, meent ze. “Wat is nog draaglijk, daar gaat het om. Twee, drie vrouwen met een hoofddoek die bij je in de straat wonen gaat wel, maar twee-, driehonderd, dat is een heel ander verhaal. In zo’n straat worden onbedekte vrouwen gebrandmerkt als hoer. Ik heb het gezien in Algerije: ik hoefde geen hoofddoek te dragen van mijn ouders, het kwam niet eens in ze op het mij te vragen. Maar mijn zusje moest het later, gedurende de burgeroorlog, wel. Het was gevaarlijk geworden om het niet te doen. Met de hoofddoek gaat het van kwaad tot erger: met wie weigert, kan van alles gebeuren.”

Rayhana is niet alleen voor een verbod op de boerka, vanaf volgende maand een feit in Frankrijk, maar ook voor een algeheel verbod op de hoofddoek. “Ik begrijp dat dit niet kan, maar dan in ieder geval een verbod voor minderjarigen, dus in het onderwijs. En op het werk: alle werkgevers moeten hem verbieden. Dat zou een vrijheidlievende daad zijn.”

Turkse Moslimbroeder buiten beeld bij Grettaboot

door Carel Brendel

Israëlhaters stonden gisteravond voor een moeilijke keuze. Bij Pauw & Witteman mocht Dries van Agt optreden als ‘missionaris’ van de Palestijnse zaak. Bij Pownews werd Gretta Duisenberg weer eens ouderwets gebasht door Pownews. Rutger Castricum stalkte de wel/niet antisemitische bankiersweduwe op een persconferentie over de Grettaboot – het Nederlandse schip dat eind mei zal deelnemen aan Freedom Flotilla 2, het hulpkonvooi naar de Hamas-enclave Gaza. Wel stalken, maar niet onderzoeken, lijkt het devies van Powned.

Nourdin Belhadi, docent Hogeschool van Amsterdam, mag vrouwen discrimineren

Update, 9.3.2011 Twee ton subsidie voor handenweigeraar Nourdin Belhadi (foto) : hierr.

Leuk nieuwtje op 'Internationale Vrouwendag'.
Nieuwe fase in zelfislamisering? Islamitische docent Nourdin Belhadi die vrouwen geen hand wil schudden sinds hij in Mekka is geweest, gaat volgende maand weer aan de slag op de Hogeschool van Amsterdam. (Bron) Kosten noch moeite worden gespaard om de terugkeer van de religieuze fanaat Belhadi zo geruisloos mogelijk te laten verlopen.  (Bron) Hoeveel geld en moeite mag onze aanpassing aan de islam Nederland gaan kosten?

Lees hieronder de brief over de 'heraanstelling' van Nourdin:

"Leden van het team BE Leeuwenburg Vt.

Amsterdam 1 maart 2011,

In het verlengde van het gesprek dat op 1 februari j.l. is gevoerd tussen het BE Team en CvB breng ik jullie bij deze op de hoogte van de verdere gang van zaken rondom Nourdin.
Zoals bekend, is Nourdin’s besluit om vanuit religieuze overtuigingen vrouwen niet langer de hand te willen schudden voor het CvB geen grond om over te gaan tot ontslag. Bij de afronding van het genoemde gesprek is de afspraak gemaakt dat op CvB/MT niveau een besluit genomen wordt over de uitvoering van dit door het CvB geformuleerde standpunt. Dit besluit is afgelopen week gevallen.
Alles afwegend hebben we de conclusie getrokken dat we onze inspanning in eerste instantie gaan richten op het vormgeven van een traject met als doel “herplaatsing” van Nourdin in het

Het islamitische denken over vrouwen houdt de beschaving tegen


(...) In zijn populaire boekje Een tipje van de sluier schrijft Joris Luyendijk het volgende: “Het punt is dat de nu dominante interpretaties van de islam mijlenver afstaan van wat in Nederland wordt verstaan onder de mensenrechten. De islamitische ‘nieuwe Nederlanders’ komen vrijwel zonder uitzondering uit ondemocratische landen waar met een enorm propaganda-apparaat van bovenaf wordt bepaald wat de islam wel en niet inhoudt. In diezelfde landen worden uit naam van de islam vrouwen en homoseksuelen zwaar gediscrimineerd.”1 Met de zinsnede ‘de nu dominante interpretaties van de islam’ wekt hij de indruk dat het vroeger anders is geweest en dat de discriminerende aspecten van de islam slechts het resultaat zijn van een tijdelijke terugval in de interpretatie. Dat is niet zo. Gedurende de 1400 jaar islamitische geschiedenis zijn er geen andere gezaghebbende interpretaties geweest die vrouwen en homoseksuelen niet discrimineerden. Zelfs de periode van ongeveer honderd jaar aan het einde van de 19e eeuw, waarin een aantal islamitische landen zich op het Westen had georiënteerd, was hierop geen uitzondering. Toen speelde de islam tijdelijk een minder belangrijke rol in het dagelijkse leven van de burgers, en aldus werd een en ander min of meer verwaarloosd. Dit was echter niet het gevolg van een andere interpretatie, maar van de sterke culturele rol van Europa in de islamitische wereld en de dominante positie van het Westen tijdens de kolonisatieperiode. Omdat de maatschappij hier gebaseerd is op en georganiseerd is via het westerse denken, dat haaks staat op de islamitische grondslagen, denk ik dat de islam in Europa, via zijn leefregels, denkkaders en diepgewortelde opvattingen, logischerwijs weinig anders dan een grote hoeveelheid gedragsproblemen, geweld en conflicten teweeg kan brengen.

Hoewel ik me in het verleden milder heb uitgedrukt over de status van vrouwen in de islam en over de mogelijkheid die te verbeteren via de weg van de hervorming en via een andere interpretatie, heeft die mildheid nu haar grenzen bereikt en is het tijd geworden voor

Hoofddoekprijs 2011 voor Maurits Berger

Hoofddoek_top

Voor de vijfde maal reikt het weblog Hoeiboei.nl op 8 maart, Internationale Vrouwendag, de Hoofddoekprijs uit aan degene die het zotste excuus verzint om dit malle symbool in onze seculiere samenleving te promoten. Wie heeft zich het afgelopen jaar het beste ingezet voor de promotie van de lap stof, die in Nederland door een minderheid in vrijheid kan worden gedragen maar die op wereldschaal (al eeuwen) geldt als symbool van vrouwenonderdrukking? Vrouwen en mannen kunnen meedingen naar deze prestigieuze prijs. Hoeiboei discrimineert niet.

Eerdere waardige winnaars van de Hoofddoekprijs zijn:
Anja Meulenbelt (2007) wegens haar bijzondere bijdrage aan het wegkapen van het ware feminisme.

Job Cohen (2008), ex-burgemeester, die elke (vorm van) kritiek moeiteloos weerlegt, die a-sociaal gedrag tot halal gedrag promoveert. Deze man begrijpt dat alleen uit liefde en respect voor de vrouw de boel bij elkaar kan worden gehouden. En die liefde begint bij de hoofddoek, zo eenvoudig is het.

Margriet van der Linden (2009), nog geen half jaar is Van der Linden hoofdredactrice van het feministische tijdschrift OPZIJ of er is daar al een gehoofddoekte columniste werkzaam: Nora Kasrioui die gespecialiseerd lijkt in zieligheid.

Jeltje van Nieuwenhoven (2010) "Accepteer die hoofddoek gewoon. Of kiest u ervoor om, net zoals de Duitsers, die muts van mijn grootmoeder te weigeren?"

Politicus Ahmed Marcouch scoort ondanks zijn lieve “reebruine ogen” hoog. Marcouch wil dat homo's zichzelf kunnen zijn want dan kunnen orthodoxe moslims ook overal zichzelf zijn in Nederland. Een homo voor de klas, dan ook een gehoofddoekte moslimvrouw. Keer op keer vergelijkt deze moslim dus een geaardheid met een ideologie/religie, terwijl er echt nog nooit iemand met een hoofddoek op geboren is. Zijn pleidooi voor het toestaan van hoofddoeken bij de politie waarmee hij de scheiding van kerk en staat aan z'n laars lapt, komt daar nog bij. 
 
Toch gaat de hoofddoekprijs dit jaar aan Marcouch' neus voorbij. Er is een nóg geschiktere mannelijke kandidaat, te weten: jurist en hoogleraar islam in de westerse wereld Maurits Berger. Hij wint de Hoofddoekprijs 2011 voor zijn unieke en inmiddels beruchte uitspraak: "De sharia [islamitische wet] en het Nederlands recht zijn voor meer dan 95% aan elkaar gelijk". [Klik hier voor wat overeenkomsten]. 

Ja, deze ene uitspraak vindt Hoeiboei al reden genoeg om Maurits Berger de prijs toe te kennen.

Wikipedia vermeldt dat Bergers leerstoel wordt gefinancierd door de Sultan van Oman maar dat deze officieel geen invloed op zijn werk heeft. Officeel niet, Berger is gewoon een islam-liefhebber die geen problemen heeft met hoofddoeken of met het andere geslacht geen hand willen geven want dat zijn toch praktische invullingen van de sharia. Nietwaar? Om over steniging, zweepslagen, amputaties, ophanging en zo maar te zwijgen. 
 
Maurits Berger heeft de prijs dubbel en dwars verdiend! Van harte gefeliciteerd!

Voor deze prijs zijn 5 hoofddoeken ontworpen en Maurtis Berger mag zelf kiezen met welke tekst de doek daadwerkelijk versierd wordt: 1. "Alle macht aan de mohammedaanse man". 2. "Uw vrouwen zijn een akker voor u". 3. "De hoofddoek maakt me vrij!". 4. "Sla uw ogen neer" en last but not least 5. "Noli me tangere! (Raak me niet aan!)".

Vrouwenrechten? Turkije behoort tot de ergste landen ter wereld!

…In de Turkse samenleving – net zoals in andere patriarchale samenlevingen – zijn onderdrukking, beperking, mishandeling en geweld tegen vrouwen/meisjes aan de orde van de dag. Ik vind het zelf veel erger, dat dit minderwaardige en gemene gedrag van de mannen in de samenleving als normaal wordt beschouwd. Dit is wat mij betreft een nog grotere misdaad – over het andere geslacht, de mannen, wordt niet geoordeeld. Alleen over ons vrouwen wordt geoordeeld…
(Serap Cileli)

In een rapport van het Wereldeconomieforum, waarin de gelijkberechtigingsituatie van vrouwen werd onderzocht, stond Turkije op de 126e plaats van de 134 landen. Daarmee behoort Turkije volgens het rapport tot de landen, waarin de situatie van de vrouwen het ergste is.
Democratiegebreken


In een door het Wereldeconomieforum uitgebracht rapport over de gelijkberechtiging van de sekses behaalde Turkije plaats 126 van de 134 onderzochte landen. De index omvat criteria zoals politieke participatie, toegang tot onderwijs, gezondheid en levensverwachting alsmede de vertegenwoordiging van vrouwen in politieke functies.

In de democratie-index van de Economist werd Turkije van de 167 landen met de 89e plaats als “tweeslachtig” ingeschaald. Het deelt deze plaats met Nicaragua. Het iedere twee jaar uitgevoerde onderzoek omvat criteria zoals pluralisme, kiessysteem, burgerlijke vrijheidsrechten, regeringsfuncties, politieke deelname en politieke cultuur.

Individuele seksualiteit als maatschappelijk goed

Door de controle van de kuisheid van de vrouwen door familieleden, lange tijd ook door juridisch gelegitimeerde instellingen alsmede in het kader van het culturele religieuze leven, werd aan de vrouw de zelfstandige beschikking over haar seksualiteit en haar lichaam onttrokken. Zo was het tot maart 1999 voor rechtbanken mogelijk om vrouwen, die volgens het gerechtelijke vonnis overspel hadden gepleegd, gevangenisstraffen op te leggen. Bovendien konden jonge vrouwen en meisjes op staatsscholen en in weeshuizen onderworpen worden aan maagdelijkheidtesten.

“In de huwelijksnacht bloedde ik niet. Mijn man sneed zichzelf in zijn vinger, zodat het bloed op het laken zat. De volgende ochtend bracht hij me direct naar de dokter om mijn maagdenvlies te laten onderzoeken. Hoewel het maagdenvlies heel was, behandelt hij me vaak op een hele denigrerende manier. Tot vandaag wist ik niet, dat het voor veel vrouwen normaal is om niet te bloeden.” (bericht van een deelneemster aan een vrouwenrechtenproject).

Van de Turkse vrouw wordt datgene gemaakt wat zij volgens streng islamitische opvatting dient te zijn:

Waarom de minister gelijk heeft

door Matthias Matussek

Niet alweer. Opnieuw zijn de Groenen en islamistische lobbyverenigingen het met elkaar eens om beledigd te zijn, omdat een waarheid klip en klaar werd uitgesproken: de islam hoort, historisch gezien, niet bij Duitsland.

Natuurlijk heeft minister van binnenlandse zaken Hans-Peter Friedrich gelijk, wanneer hij zegt, dat de islam niet bij Duitsland hoort. Het komt overeen met datgene, wat de Turkse minister-president Recep Tayyip Erdoğan zijn in Duitsland levende Turkse landgenoten enkele dagen geleden manend heeft toegeroepen, toen hij ze opnieuw voor assimilatie waarschuwde. Erdoğan appelleerde aan hen, die er niet bij horen, er niet bij willen horen, en daarvan zijn er de nodige.

De reacties op de minister van binnenlandse zaken echter vertrouwen op de vertrouwde mengeling van luide verontwaardiging en politieke chantage in plaats van over de zaak zelf te praten. En dat is het echte schandaal. Wat had de minister nog maar precies gezegd? “Dat de islam bij Duitsland hoort, is een feit, dat vanuit de historie niet kan worden bewezen.”

Hij had het over historie. Nu wachten we dus op weerleggingen en worden we in plaats daarvan beleerd over de interculturele etiquette. Renate Künast: de minister “slaat porselein kapot!”. Oké, de aarde is rond, maar sssst!, er zijn mensen die dat als belediging zouden kunnen opvatten. Van haar collega Cem Özdemir is alleen maar te horen dat de minister een “onbehouwen maatschappijbegrip” zou hebben. Aha. Mogen we eerst zeggen, dat Özdemir een onbehouwen discussiebegrip heeft?

De voorzitter van de liberaalislamitische bond wordt al Oriëntaals kleurrijker. Zij verdedigt de eer. Ze noemt de uitspraak van de minister een “klap in het gezicht van de moslims” en

Welke versie heeft plaatsgevonden?

Treinconversaties

Gehoord: in de trein, donderdagavond 3.3.2011.

Versie 1:

Af en toe vang ik wat woorden op als 'breien' en 'aanbieding' maar voor de rest gaat het geruststellende gekwebbel van de vier dames op de treinbanken voor me volledig langs me heen. Totdat het woord 'vakantie' valt, gevolgd door de woorden 'vliegveld Tel Aviv' en 'Iran'.

Zegt de ene dame: “Naar Iran hoef ik niet."

Vult een andere dame aan: “Nee, Ik ook niet, .... ik heb genoeg moslims gezien.”

Concludeert een derde dame: “Israel is interessanter en je hoeft geen hoofddoek mee te nemen. Israel is véél interessanter!”


Versie 2:

Af en toe vang ik wat woorden op als 'breien' en 'aanbieding' maar voor de rest gaat het geruststellende gekwebbel van de vier dames op de treinbanken voor me volledig langs me heen. Totdat het woord 'vakantie' valt, gevolgd door de woorden 'vliegveld Tel Aviv' en 'Iran'.

Zegt de ene dame: “Naar Israel hoef ik niet.”

Vult een andere dame aan: “Nee, ik ook niet,.... ik heb genoeg joden gezien.”

Concludeert een derde dame: “Iran is veel interessanter, je moet dan wel een hoofddoek meenemen maar Iran is véél interessanter!”

Filmmuziek

door Dick Gilsing 

Zijn debuut was De provincie, waarin evenals in Mijn kleine waanzin het Zuidhollandse dorp van zijn jeugd, Rhoon, het decor vormt. Dit romandebuut was de basis voor de gelijknamige film van Jan Bosdriesz met Thom Hoffman, Pierre Bokma, Gijs van Scholten Asschat en Tamar van den Dop. Niet de minste cast. Het overgrote deel van zijn romans, verhalen en reisboeken zijn gesitueerd in Europa, Afrika, Azië, Rusland en het caraïbisch gebied. All over the word. In die zin gaat het hier om een zwervende schrijver of schrijvende zwerver. In 2010 verscheen van hem het prachtige Baltische zielen. We hebben het over Jan Brokken. In dit laatste boek beschrijft hij aan de hand van bekende en minder bekende mannen en vrouwen de tragische geschiedenis van Estland, Letland en Litouwen. Sommigen van deze personen zijn vergeten; anderen zijn wereldberoemd geworden, zoals Sergej Eisenstein, Gidon Kremer, Romain Gary, Jacob Lipchitz, Hannah Arendt, Mark Rothko en Arvo Pärt. Aan deze laatste, een bekende componist uit Estland, wijdt Brokken een schitterend hoofdstuk. Hij laat ons zien, hoe Pärt als jonge jongen in zijn geboortestadje Rakvere naar de Finse radio luisterde en in de weken rond Kerst, op zijn fiets alsmaar rondjes rijdend (het was stervenskoud), luisterde naar de muziek van Rimski-Korsakov of Tsjaikovski die in deze tijd van het jaar in plaats van de gebruikelijke redevoeringen of socialistische marsliederen uit de luidsprekers galmde. In 1968 componeerde hij Credo, dat in hetzelfde jaar werd uitgevoerd. Vanaf dat moment was niets meer hetzelfde in Talinn, schrijft Brokken. Het was het begin van de bevrijding, waarop de Esthen nog 23 jaar moesten wachten. In de jaren ’80 ging Pärt naar Berlijn waar hij tot op de dag van vandaag is blijven wonen en zijn – op het russisch-orthodoxe geloof geïnspireerde - spirituele muziek componeert. Vóór zijn Credo had Pärt veel muziek geschreven voor film en theater (een standaardcorvee dat ook sovjetcomponisten als Sjostakovitsj, Prokofjev en Schnittke op zich namen) die hij later als lopendebandwerk afwees. De ironie van het lot wil dat filmregisseurs gek zijn op zijn spirituele muziek van na Credo. Je hoort zijn muziek in arthousefilms (Les amants du Pont-Neuf van Leos Carax, Le temps qui reste van François Ozon en Dans le noir du temps van Godard). Maar ook in publieksfilms (There will blood van Anderson, Heaven van Tom Tykwer en The good shepherd van Robert de Niro). Evenals de minimalistische muziek van John Adams en Philip Glass leent die van Pärt zich om verlangens, verwachtingen en spanningen op te roepen en te begeleiden. Ze geeft ook vorm aan verdriet. Zo vertelt Eveline Rosenhart, celliste bij Het Gelders Orkest, in een interview dat Pärt het goed doet op begrafenissen. Zij soleert bij zo’n gelegenheid op bestelling. Fauré (Apres un rѐve) en Debussy (Rêverie) zijn geschikt na een gedicht. Aan het slot wil de familie vaak iets horen dat opwekkend is, optimisme uitstraalt. Daarvoor kiest ze bijvoorbeeld Salut d’Amour van Elgar (hij schreef het als cadeau voor zijn geliefde). Als de kist binnenkomt, stelt ze iets krachtigs en statigs voor, zoals Spiegel im Spiegel van Pärt. “Die muziek draagt de kist echt naar binnen.”
 
Moet filmmuziek bij het beeld passen, het verhaal versterken, of moet ze ook een eigen kracht hebben, op zichzelf mooi zijn om naar te luisteren? In een interview zei Vincent van Warmerdam 

Uitspraak van de week (1)

 

"Het zou een beetje mal zijn als je je uit oogpunt van vrouwenemancipatie wél druk maakt over het dragen van hoofddoekjes dóór vrouwen, maar niet over het passief kiesrecht vóór vrouwen…"


Bron: Paul Lieben in Elsevier, volledige tekst hierr: 'Heiligt het doel van premier Rutte de SGP?'

Ik ben het hier volledig mee eens. Dat de meeste vrouwelijke SGP-leden geen enkele behoefte hebben om in de volksvertegenwoordiging zitting te nemen, zal best maar daar gaat het niet om, die hoeven dat ook niet te doen maar het gaat om die (toekomstige) vrouwen die het binnen de SGP wél willen!

Kom op Mark Rutte, hier ligt een schone taak!

AVe

STERREN

Arabist_jansen

De afgelopen tientallen jaren heb ik tientallen malen les gegeven, over het Midden-Oosten en de islam, aan hoge militairen die nog hoger wilden worden, en ook aan militairen die aan de absolute onderkant van het militaire apparaat zaten. De laatsten vond ik wel sympathiek. Die zeiden ook af en toe iets verstandigs.

Ik ben nooit in dienst geweest, en kan al die onderscheidingen en tekens van hoge rang niet uit elkaar houden. Dat heeft voordelen. Ik heb wel buitenlandse collega’s meegemaakt die zo goed getraind waren in het bang zijn voor strepen, sterren en balken als die van de hoge militairen onder wie ze gediend hadden, dat hun deskundig betoog geheel in het water viel.

Een paar jaar geleden viel een van de hoge heren mij tijdens mijn college in de rede met de opmerking ‘Ach meneer Jansen, geweld heeft toch nog nooit iets opgelost’. Zo beleefd als ik maar zeggen kon, zegde ik ‘Pardon? De Tweede Wereldoorlog, Overste?’.

Toch acht ik het mogelijk dat dit de man is geweest die inmiddels gepromoveerd is tot de bevelhebber die (op afstand, dat dan weer wel) het commando heeft gevoerd over de recente Nederlandse operatie op Libische bodem.

Het kan natuurlijk ook een van de andere aanwezigen geweest zijn, want geen van de geharde beroepsmilitairen tegenover mij was in de lach geschoten.

HansJansen

Na de provinciale verkiezingen

Taallesje (2)




door Annelies van der Veer

Motto: Wie zonder schrijffouten is, schrijve de eerste reactie.

Weblog Elsevier verlangt van reageerders “correct en foutloos Nederlands, zodat anderen ook kunnen begrijpen wat u schrijft. Controleer dus uw grammatica en spelling voordat u uw reactie plaatst (…)”

Een dergelijke gedachtegang spreekt mij wel aan. Het is toch wel de minste inspanning die men van reageerders op weblogs kan verwachten in ruil voor een gratis en voor niks geconsumeerde tekst?

Maar wat als reageerders geen blijk geven van kennis van grammatica en spelling?

Ach, als een reageerder een keertje Reve's schrijft in plaats van Reves, dan zul je mij daar niet over horen, maar als er van de spelling van de werkwoordsvormen in de ene na de andere reactie een potje wordt gemaakt, dan vraag je je wel eens af waarom je die reactieruimte open hebt staan. Als een reageerder zich dan op dyslexie, te weinig tijd, of verblijf in het buitenland beroept, is dat te flauw voor woorden. U verlangt van ons toch ook kwaliteit?

En heus zo ingewikkeld is het niet. Moeilijke woorden zoek je maar op in het woordenboek, het systeem van de werkwoordsvormen moet je echter begrijpen en dan kun je het de rest van je leven altijd en overal, dus ook op webfora, foutloos toepassen. Een machtig gevoel dat het zelfvertrouwen enorm opkrikt. Wedden?!

Op Hoeiboei valt het taalgebruik in reacties overigens meestal wel mee, maar soms dus niet. Daarom nu een gratis taallesje. Ter leringhe ende vermaeck. Daarna kijken we naar wat reacties van U waarbij het fout ging, te weten die onder het stuk 'Grondrechten in Nederland en de islam' van arabist Jansen.

Er bestaan verschillende manieren om de spelling van de regelmatige werkwoordsvormen uit te leggen. De volgende methode werkt altijd maar je moet wel consequent (durven) zijn. Doet U dat dan gaat er een wereld voor U open.

Vooraf nog even dit, als U niet weet hoe U het hele werkwoord (infinitief) spelt, dan gaat U - hoewel U 'het systeem' beheerst - tóch fouten maken. Zoek dus eerst in het woordenboek op of het bijvoorbeeld 'beheersen' is of 'beheerzen', 'gelofen' of 'geloven', 'verhuizen' dan wel 'verhuisen' en 'veinsen' of 'veinzen'. Pas dan pas de volgende regels toe.

We beginnen met de tegenwoordige tijd, de belangrijkste en misschien wel de gemakkelijkste tijd, qua spellen van werkwoorden dan.

Het is uiterst belangrijk dat U de persoonsvorm(en) in een zin kunt vinden. Wat is de persoonsvorm? Zonder persoonsvorm heb je eigenlijk geen complete zin maar enkel een groep woorden of een uitroep, zoals “Hallo, daar!” Terwijl “bent U daar?!” meteen al een complete zin geeft met een echte persoonsvorm (bent).

Zoek dus eerst de persoonsvorm (pv) in de zin. De persoonsvorm is de enige vorm van het werkwoord die (hoorbaar) verandert als U de zin in een andere tijd zet. Van verleden tijd naar tegenwoordige tijd of andersom. De rest van de zin blijft in principe ongewijzigd, U mag geen woorden toevoegen.

Dat omzetten gaat alsvolgt in z'n werk:

Voorbeeld 0: Vond U ook dat het zo lang duurde voordat men doorhad dat er een vreselijke kern van waarheid in Geert Wilders' boodschap zat?

Deze zin staat in de verleden tijd, omgezet naar de tegenwoordige tijd wordt dat:

0.1 Vindt U ook dat het zo lang duurt voordat men doorheeft dat er een vreselijke kern van waarheid in Geert Wilders' boodschap zit?

De vetgedrukte woorden zijn veranderd en dus alle vier persoonsvormen. De juiste spelling is reeds ingevuld. Nu U!

Voorbeeld 1

1.a. Hij geloofde niet wat Hans Jansen over de islam beweerde.

Deze zin staat in de verleden tijd, zoals iedereen kan begrijpen en horen. De correcte spelling is al gegeven.
Om de persoonsvorm(en) te vinden, zet U de zin in de tegenwoordige tijd. Doe het gerust hardop, het is even wennen maar als het goed is, krijgt U:

Gepeperde Taaloefening (1). Verander alle persoonsvormen in de tegenwoordige tijd.

Gepeperde Taaloefening 1. Verander alle persoonsvormen in de tegenwoordige tijd.

Maar neem eerst nog even deze informatie door (link).

1. Geert Wilders beweerde niet dat alle moslims het land moesten verlaten. Wie dat zei, loog.

2. Elke islamitische hoofddoek, hoe hip ook gedragen, verkondigde dezelfde malle boodschap, namelijk dat de vrouw ondergeschikt was aan de man en dat mannen hun geslachtsdrift niet in bedwang konden houden wanneer vrouwen geen hoofddoek droegen.

3. Het verbaasde haar dat vrijwel niemand hier nog tegen protesteerde.

4. Moslims zeiden dat de hoofddoek hun vrouwen beschermde tegen de onbedwingbare lusten van alle mannen, maar het plastic doorzichtige hoofddoekje van mijn moeder bood slechts bescherming tegen regen en wind en niets anders.

5. Hans Jansen verdedigde in het boek 'Bombrieven' de westerse normen en waarden, terwijl Abdul Jabbar van de Ven de islamitische wetgeving (de sharia) verdedigde. Een wereld van verschil.

6. Abdul Jabbar van de Ven verhuisde uiteindelijk naar een islamitisch land omdat hij de Nederlandse samenleving waarin vrouwen en mannen gelijkwaardig waren, verfoeide. Hij voelde zich hier niet langer thuis, al genoot hij wel van de vele voordelen van het Westen.

7. Professor Maurits Berger (Leiden) beweerde regelmatig dat de sharia voor 95% identiek was aan het Nederlands recht.

8.Wie geloofde wat Maurits Berger over de sharia beweerde, kwam bedrogen uit.

9. In het Zwartboek van de islam werd Annelies van der Veer een fellowtraveller van de culturele jihadisten (Tariq Ramadana bijv.) genoemd. Opiniemaakster Amanda Kluveld noemde ook Carel Brendel en Nahed Selim fellowtravellers aangezien zij eveneens de vrouwonvriendelijke kantjes van de SGP aanstipten.

10. Wie verdiende volgens U de Hoeiboei Hoofddoekprijs 2011?

11. Werd jij ook zo moe van al dat politiek correcte gezwets?

12. Minister van Justitie Piet Hein Donner (CDA) vond dat Nederland moslims, ook fundamentalistische, met open armen moest ontvangen. 'Als iemand weigerde een vrouw de hand te schudden, had je dat te accepteren.' Wat had je aan zo'n minister?

13. De multiculturele samenleving was mislukt, dat vond inmiddels bijna iedereen.

14. Vond U ook dat het zo lang duurde voordat men doorhad dat er een vreselijke kern van waarheid in Geert Wilders' boodschap zat?

15. Ze beefde en trilde uit angst voor haar familie omdat ze wel wist dat eerwraak op het menu stond.

16. Paul Cliteur behandelde in zijn boek drie monotheïstische godsdiensten: de islam, het jodendom en het christendom.

17. Ik vond het onterecht dat hij wel uit mocht gaan maar zijn zuster niet.

18. De spirituele boodschap van de islam die uit Jeruzalem opsteeg, was dat de islam al het andere moest domineren.

19.Verdiende U genoeg om van te leven?

20. Hij dreigde ermee op te houden.

21. Wat vond Uw buurman van Geert Wilders en wat vond U?

22. Zij beheerste zich maar van binnen kookte ze van woede.

23. De spellingregel voor de persoonsvorm in de tegenwoordige tijd luidde: stam + t.

24. Het kraagbontje schold het meisje dat zonder hoofddoek op straat liep uit voor hoer.

25. De VU-medewerker loog erop los voor eigen bestwil.

26. Het Stockholm-syndroom leidde er toe dat een moslim die zichzelf betrapte op het koesteren van het begin van een gedachte aan geloofsafval en uittreding, zichzelf onmiddellijk dwong die weg niet verder in te slaan.

27. "Over het christendom mocht je zeggen wat je wilde en je werd toch niet bedreigd. Waarom gunden ze ons niet ook zo’n verlichting?’" vroeg beeldend kunstenares Sooreh Hera.

28. Ook zei ze: Als ik ergens een afspraak had, bijvoorbeeld met een ambtenaar, en de secretaresse had een hoofddoek, dan werd ik echt angstig.’ (...) ‘Als je de islam kende, wist je dat een moslim zijn geloof boven alles plaatste. Mijn vertrouwen was dan totaal weg.’

29. De islamitische theologie wees de causaliteit af. God herschiep de wereld op elk deelmoment, en was daarbij niet gehouden aan enige beperking van voorspelbaarheid of redelijkheid.

30. André Rouvoet en Roel Kuiper zagen met lede ogen aan hoe de PVV het debat over islam en integratie gijzelde, maar dachten deze christenen dat zij de islam konden hervormen?

31. Door de steun van het College van Bestuur aan religieuze dwingelandij verloor de Hogeschool van Amsterdam aan vrijheid voor haar studenten en medewerkers.

32. Ik wist nog hoe ik bloosde, totaal overdonderd als ik was. Het lukte mijn hersenen niet een reden te bedenken waarom mijn hand geweigerd werd door deze man.

33. Hoeveel moeite kostte het U nou al met al om dit lesje te begrijpen?

34. Ik beloofde geen fouten meer te maken in de reactieruimte op Hoeiboei, althans wat de tegenwoordige tijd betrof.

35. Wij hielden U aan Uw woord en wensten U veel succes.

Uw antwoorden kunt U in de commentruimte plaatsen (of opsturen naar hoeiboei@gmail.com). U krijgt altijd antwoord.

Oscars voor een stotteraar, danseres en bokser

door Dick Gilsing

Volgens verwachting zijn de Oscars voor de beste vrouwelijke en de beste mannelijke hoofdrol afgelopen zondag uitgereikt aan Natalie Portman en Colin Firth voor hun rol van respectievelijk gekwelde ballerina in Black Swan en stotterende koning in The king’s Speech. De verschillen zijn duidelijk maar zijn er ook overeenkomsten? The King’s Speech speelt in het Britse koninkrijk in de dertiger jaren. Koning George V sterft. Zijn oudste zoon volgt hem op maar moet al snel aftreden, omdat hij trouwt met een gescheiden vrouw. De tweede zoon, Albert George, Bertie voor familie en vrienden, lijkt de aangewezen man, maar hij stottert. Hoe kan een stotterende koning het woord nemen in een wereld die steeds meer vergiftigd dreigt te worden door die idiote spraakwaterval uit Duitsland? Juist. Door een stottertherapeut, subliem gespeeld door Geoffrey Rush (wat mij betreft had hij ook een Oscar verdiend, niet voor de bijrol want dat is het niet), in de arm te nemen. Er blijken obstakels uit de jeugd weggeruimd te moeten worden. Met hun tweeën (vermakelijke scѐnes waarin toespraken geoefend worden met zang, dans en schitterende scheldpartijen met menigmaal het f-woord) gaan we dan de weg naar de finale: de nieuwe koning George VI (virtuoos gespeeld door Firth) houdt- samen met zijn vriend en therapeut – een radiotoespraak juist nadat Engeland de oorlog aan Duitsland heeft verklaard. Alom lof. Ook van de therapeut. Waarop de nieuwe koning repliceert: er zaten nog wel wat foutjes in, maar die heb ik met opzet gemaakt, anders had niemand geweten dat ik het was die sprak. Natuurlijk. The king’s speech is en blijft een Engelse film (in de Amerikaanse versie is het f-woord

In de tent gelokt door kolonel Khadafi

door Carel Brendel

Wie liet zich eigenlijk niet lokken in de bedoeïenentent van de Libische kolonel Moammar Khadafi? Op de website van de Volkskrant staat een fraaie fotoserie van de diverse groten der aarde, die op de foto gingen met de tiran van Tripoli. De titel: ‘Iedereen schudde handen met Khadafi.’

De vrienden kwamen van heinde en ver en uit de meest uiteenlopende kringen. Niet alleen ‘usual suspects’ als de Palestijnse leider Yasser Arafat vonden de weg naar Tripoli, maar ook gerenommeerde westerse staatslieden en Arabische leiders drukten de kolonel aan hun borst. Zelfs de alom gerespecteerde Nelson Mandela liet zich omhelzen door de Libische leider. Een handjevol vrienden blijft Khadafi trouw nu zijn troon wankelt, onder wie de Venezolaanse stokebrand Hugo Chávez.

Khadafi is nu de outcast van de beschaafde wereld, maar nog niet zo lang geleden knoopten westerse leiders, voorop Silvio Berlusconi en Tony Blair, de allerhartelijkste betrekkingen aan met de leider van het olierijke woestijnland. Ook Barack Obama, Nicolas Sarkozy, Gerhard Schröder, Jacques Chirac en Guy Verhofstadt schudden de hand van de man, die hoogst waarschijnlijk de hand heeft gehad in de vliegramp bij Lockerbie. Het Russische autocratenkoppel Poetin/Medvedev ging eveneens op de foto met Khadafi. In zijn gezelschap belandde ook Ben Ali, de inmiddels door het woedende volk verdreven buurman uit Tunesië. Een andere prominent in het rijtje is Ban Ki Moon, secretaris-generaal van de Verenigde Naties. Ook hij koesterde kennelijk de illusie dat Khadafi zich had losgemaakt uit de ‘as van het kwaad’.

Deze omhelzingen en handdrukken zou je met een beetje goede wil nog kunnen zien als diplomatieke beleefdheid. Ronduit bizar is echter dat Khadafi zich ondanks zijn kerkers en executies heeft kunnen opwerpen als kampioen van de mensenrechten. Dat lukte hem onder meer door de instelling – in het jaar na Lockerbie – van een naar hem genoemde internationale prijs voor de mensenrechten. Mandela komt de twijfelachtige eer toe dat hij de eerste ontvanger van deze onderscheiding was (1989). Andere voorvechters van de mensenrechten – althans volgens Khadafi – waren de omstreden Amerikaanse moslimleider Louis Farrakhan (1996), de Cubaanse dictator Fidel Castro (1998), zijn Venezolaanse collega Hugo Chávez (2004) en de Nicaraguaanse sandinistenleider Daniel Ortega (2009). De Turkse premier en fundamentalist Erdogan was vorig jaar de vermoedelijk laatste ontvanger van de prestigieuze Khadafi-prijs.

Libië wist ook door te dringen tot de mensenrechtenraad van de Verenigde Naties, maar is nu geschorst vanwege ‘grove en systematische schending van deze mensenrechten’. Het shariabolwerk Saoedi-Arabië is trouwens nog wel lid van deze raad. Het scheelde niet veel of ook het Iran van de ayatollahs was vorig jaar toegetreden tot dit gezelschap. Vlak voor de onlusten uitbraken stond de VN zelfs op het punt om een gunstig rapport over Libië uit te brengen. Waarnemers uit gezellige landen als Cuba, Soedan en Iran constateerden een flinke vooruitgang op het gebied van de mensenrechten in de woestijnstaat.

Khadafi vervolgde de Moslimbroeders met harde hand en liep onlangs op tegen een fatwa van Yusuf al-Qaradawi, de spirituele leider van deze beweging. Deze riep op om de Libische leider te vermoorden. Met Khadafi zal niemand medelijden hebben. Desondanks is het ongehoord dat een religieus leider een doodvonnis afkondigt. Overigens, ook de in Qatar gevestigde Al-Qaradawi heeft in een recent verleden Khadafi nog geprezen vanwege zijn ‘moedige besluit’ om 214 politieke gevangenen vrij te laten en zich te verzoenen met de Libische islamisten. Heeft de sjeik ook even geloofd dat de Libische leider zijn leven had gebeterd?

Tot een ‘meet en greet’ tussen Khadafi en Al-Qaradawi is het nooit gekomen. Op het terrein van de hypocrisie wordt de islamgeleerde ruimschoots overtroffen door de staatslieden Blair en Berlusconi.

Roxy Music keert terug naar beginjaren

Gezien: Roxy Music
Locatie: Entertainment Centre, Sydney, 25.2.2011

Hoewel ik al jaren fan ben van Roxy Music waren de concerten met vier van de originele leden tot nu toe compleet langs me heengegaan. Een afkeer van wat ik voor het gemak maar het ‘ouwelullencircuit’ noem, gekoppeld aan een nog grotere afkeer van het latere werk van Roxy Music - waarbij ik duid op de vroege jaren ’80 –, toen het originele geluid van de eerste serie platen was verzand in de ‘adult rock’ van Avalon en Flesh and Blood, zorgde voor een volstrekte apathie waar het de hereniging in 2001 van Bryan Ferry, Phil Manzanera (gitaar), Andy Mackay (hobo, saxofoon) en Paul Thompson (drums) betrof.

Met het klimmen der jaren is mijn afkeer van beide hierboven genoemde aspecten vrijwel geheel verdwenen, maar desondanks duurde het tot twee weken terug voor ik eindelijk besloot kaartjes te kopen voor het Roxy Music-concert in het Sydney Entertainment Centre. Het besef dat dit wel eens de laatste (en in mijn geval enige) kans zou zijn een van mijn meest geliefde bands te zien in combinatie met een kleine zoektocht op Internet veranderde mijn scepsis in een met de dag sterk toenemend enthousiasme. De setlist zoals die circuleerde op het net beloofde veel; geen gemakkelijke buiging naar het publiek middels een serie crowdpleasers, maar een nadruk op vooral de eerste drie albums Roxy Music, For your Pleasure en Stranded.

Met volle capaciteit is er in het Sydney Entertainment Centre ruimte voor 12.000 bezoekers, maar voor dit concert was een mindere setting voldoende, al leek het er sterk op dat de rond de 6.000 stoelen tellende kleinere versie van de zaal uitverkocht was. De gemiddelde leeftijd van het publiek maakte duidelijk dat Roxy Music nauwelijks een jonger publiek aanspreekt, helaas. Maar misschien dat de prijs van de kaartjes (omgerekend tussen de 100 en 120 Euro) daar ook debet aan was. In ieder geval kregen we voor die behoorlijk prijzige tickets een concert dat in alle opzichten de moeite meer dan waard was. Roxy Music was absoluut fantastisch.

Bryan Ferry bleef de eerste vier nummers centraal achter de microfoon, maar vanaf het vijfde nummer -If there is something van het eerste album - nam hij plaats achter de toetsen. Met een elfkoppige band, inclusief een toetsenist en lokale beauty queen Georgie (achternaam helaas vergeten) die afwisselend toetsen en sax speelde, was dat misschien geen eerste vereiste, maar Ferry had er duidelijk lol in. Van de op internet zo vaak vernomen afstandelijkheid richting publiek was hier weinig te merken. Ook de andere heren maakten duidelijk dat deze toer meer is dan wat easy cash en dit voor de eerste periode zo karakteristieke nummer maakte nog eens duidelijk hoezeer Roxy Music veel meer was en is dan Bryan Ferry plus aanhang, met een zeer bepalende rol voor zowel Mackay als Manzanera die beiden regelmatig – letterlijk – in the spotlight werden gezet om hun virtuositeit te tonen. En het mooie was dat dat elke keer zo uitermate genietbaar was en verre bleef van het irritante gepiel waar de nodige uitgesponnen solo’s nogal eens in kunnen verzanden. ‘Powerhouse’ Paul Thompson speelde ondertussen met verve de rol van onnadrukkelijk zeer nadrukkelijk aanwezige drummer. Het was opvallend genoeg vooral in de Neil Young cover Like a Hurricane dat zijn tegelijkertijd subtiele en o zo krachtige drumgeluid het best tot uiting kwam, en natuurlijk in het slotnummer For Your Pleasure, waarin Thompson als laatste van de oude club het podium verliet, maar niet nadat hij nog een keer had laten zien en vooral horen waarom hij door zoveel drummers als invloed wordt aangehaald.

Van de setlist ontbrak Sentimental Fool van Siren. Daarvoor in de plaats kregen we Let’s stick together. Geen Roxy Music-nummer (want Ferry solo) en een duidelijke buiging naar het publiek dat tijdens dit nummer helemaal uit z’n dak ging. Geen probleem, de sfeer was fantastisch en we hadden tegen die tijd al zoveel prachtigs gehoord en gezien, en er volgde nog veel meer.

Begeleid door inventieve beelden op een groot scherm achter de band en met twee danseressen geheel in de stijl van de vroege platen, maakte Roxy zijn status als art-rock band helemaal waar. ‘Het was alsof Pop-Art plotseling in volle glorie Top of the Pops binnenstapte’, zo omschreef iemand in een documentaire afgelopen week het debuut van Roxy Music (met de hit Virginia Plain) in het Britse programma in 1972. Ik kan me nog herinneren hoe het Nederlandse muziekblad Oor in de jaren ’80 een Roxy-overzichtsartikel plaatste onder de kop ‘Is dit kunst?’, wellicht refererend aan de vraag die bij lancering van de band zo vaak werd gesteld . Een antwoord hangt uiteraard af van de interpretatie van het begrip ‘kunst’, maar met nummers als het eerdergenoemde If there is something en het zeer Europese (Berlijn jaren ‘20) Bitter-Sweet van Country Life kwamen ze verdomd dicht in de buurt, daarbij geholpen door beelden die duidelijk waren geïnspireerd op kunst uit het interbellum in landen als Duitsland en de Sovjet-Unie.

Het nummer Do the Strand werd begeleid door de fotoseries die ten grondslag lagen aan de hoezen van de Roxy-albums, met daarbij o.a. een hele reeks variaties op de in Nederland en de VS verboden hoes van Country Life. Roxy speelde wel het nummer Prairie Rose van dit album, naar verluidt Ferry’s ode aan zijn toenmalige geliefde Jerry Hall die hem in ‘77 verliet voor Mick Jagger, maar Hall, in de gedaante van de Siren op de cover van het gelijknamige vijfde Roxy-album, was de opvallende afwezige in deze serie beelden. Misschien toch nog een bitter-sweet memory na al die jaren.

Kees Bakhuzyen

Zie ook Country Life.

Driewerf hoera voor het Vaderland!


Vandaag de Landelijke Provinciale Statenverkiezingen. Spannender dan ooit want de Statenleden kiezen straks, op hun beurt, de Eerste Kamerleden. En daar draait het dit keer om. Linkse medemensen hebben namelijk aangekondigd de Eerste Kamer eens stevig te gaan misbruiken - puur & alleen om Geert Wilders te sarren.

Tijd dus om Provinciale Staten, Eerste Kamer en de Monarchie - relicten uit de Middeleeuwen - af te schaffen. Problemen genoeg! De Europese Unie ontwikkelt zich in een angstaanjagend tempo tot een regelrechte dictatuur. Om over internationale verdragen nog maar te zwijgen - vanuit verre buitenlanden schrijft men u inmiddels de wet voor.

Kort en goed: alle hens aan dek! Nederland kan zich de luxe van overbodige bestuurders en schertsvertoningen niet langer permitteren. Weg met Provinciale Staten! Weg met de Eerste Kamer! Weg met Beatrix! Weg met Prins Pils!

Stef P. Spikkel
Visionair

Vechten voor vrouwen in de moslimwereld

Bron: Caroline Glick

Hier zijn twee films over de benarde situatie van vrouwen in de islamitische wereld die ik vandaag kreeg toegestuurd. De eerste gaat over sekse-apartheid in Iran. De tweede is een uitdaging voor de media om over de benarde situatie van de vrouwen in de hele moslimwereld te berichten.

Ze zijn beide belangrijk en ik vraag jullie met klem om ze via jullie e-maillijsten te verspreiden en ze op jullie blogs te plaatsen.

Als vrouw zijnde jaagt alleen het idee al dat vrouwen op deze manier worden behandeld, me angst aan. Dit moet ons allen doen beseffen dat de islamitische wereld een proces van liberalisering moet ondergaan, voordat het kan worden behandeld als een morele en rechtvaardige partner.

Iraanse sekseapartheid van Free Middle East





Pan-islamitische sekseapartheid van Honest Reporting Canada



Broodcontainers voor gelovigen



(ingezonden) Uitgelicht: WoonSpot CloseUP, een informatieblad van Staedion. (bron) (Staedion is een grote woningcorporatie in Den Haag-Zuid.) Eerste broodcontainer voor gelovigen in Den Haag.


Heeft  u ook voorbeelden van         Jip-en-Janneke-uitspraken/berichten/verslaggeving/foto's    gehoord/gezien      op radio, televisie of andere media? Stuur deze,   met  bronvermelding,     dan  naar hoeiboei@gmail.com .